Lila is een klein meisje van 18 maanden. Ze houdt van bloemen en de zon. Vandaag gaat Lila naar de peuterspeelzaal. Het is lente!
Lila ziet de zon schijnen. De lucht is blauw. "Zon, zon!" roept Lila blij. De juf lacht. "Ja, Lila, het is lente. De zon maakt alles warm."
In de klas zijn er bloemen. Gele bloemen, rode bloemen, blauwe bloemen. Lila kijkt met grote ogen. "Bloem, bloem!" zegt ze. De juf knikt. "In de lente groeien de bloemen."
Buiten in de tuin ziet Lila een vogeltje. Het vogeltje zingt. "Tjiep, tjiep," zegt het vogeltje. Lila lacht. "Vogel zingt!" zegt ze. "Ja," zegt de juf, "de vogels zingen in de lente."
De juf heeft een grote kaart. Op de kaart staan kinderen. Kinderen die dansen. "Dit is een lentefeest," zegt de juf. Lila kijkt. "Dansen, dansen!" roept ze blij. De juf glimlacht. "Ja, in de lente vieren we feest."
Lila en de kinderen gaan ook dansen. Ze dansen in een kring. "Dans, dans," zingt Lila. De zon schijnt en iedereen is blij.
Aan het eind van de dag zegt de juf: "Lente is mooi. De zon, de bloemen, de vogels en het feest." Lila knikt. Ze houdt van de lente.
Als Lila naar huis gaat, ziet ze een vlinder. De vlinder vliegt. "Dag vlinder!" zegt Lila. De vlinder fladdert weg. Lila lacht. Lente is fijn.
En zo leert Lila over de lente. De zon, de bloemen, de vogels, en het feest. Lente is vrolijk en mooi. Lila vindt de lente leuk.