In een klein, wit ruimteschip reist Emma door de sterren. Het schip is rond en glimt als een grote knikker. "Kijk, een ster!" zegt Emma blij. Ze wijst naar een heldere stip buiten het raam.
Het schip zweeft zachtjes. Emma voelt zich licht en vrij. Ze heeft een helm op en een pak aan dat haar warm houdt. Het is stil, alleen het zachte zoemen van het schip is te horen.
Emma kijkt naar de planeet die dichtbij komt. Het is een mooie bol met blauwe en groene vlekken. "Daar gaan we landen," zegt Emma rustig. Ze drukt op een knop en het schip gaat langzaam naar beneden.
De grond is zacht en groen. Emma stapt uit het schip. Ze voelt het gras kriebelen aan haar voeten. "Wat mooi hier," fluistert ze. Het is rustig en de zon schijnt warm.
Emma ziet een klein beestje met grote ogen. Het kijkt nieuwsgierig. "Hallo," zegt Emma vriendelijk. Het beestje knikt en loopt naar haar toe. Ze lachen samen en spelen in het gras.
Als het tijd is om te gaan, zwaait Emma naar het beestje. "Tot ziens!" zegt ze blij. Ze stapt weer in haar schip en vliegt rustig terug naar de sterren.
Vriendelijkheid maakt elke reis mooier.