In het winterse bos woont een grote, vriendelijke beer. Zijn naam is Benny. Benny houdt van de sneeuw. "Kijk, sneeuw!" roept hij vrolijk. De sneeuwvlokken vallen als kleine sterretjes uit de lucht. Benny kijkt om zich heen. Alles is wit en mooi.
Benny heeft twee vriendjes: een konijntje en een eekhoorn. Het konijntje heet Lila en de eekhoorn heet Tim. "Wat gaan we vandaag doen?" vraagt Lila. "We gaan sneeuwballen gooien!" zegt Benny enthousiast.
Ze maken grote sneeuwballen. "Gooi maar!" roept Tim. Ze lachen en gooien de sneeuwballen naar elkaar. "Hahaha, dat is leuk!" zegt Lila.
Na het spelen besluiten ze om warme chocolademelk te maken. Ze gaan naar Benny's hol. "Ik heb melk en chocolade!" zegt Benny blij. Ze maken de chocolademelk samen. "Proost!" zeggen ze en drinken warm.
Benny, Lila en Tim leren dat winter leuk is. Samen spelen is het mooiste. "Laten we volgende keer weer spelen!" zegt Lila. "Ja, met sneeuw!" zegt Benny.
De winter is fijn, vol plezier en samen zijn.