Liam is een klein jongetje. Hij is één jaar oud. Liam speelt graag met zijn speelgoed. Hij heeft een zachte teddybeer. De teddybeer heet Benny.
Het is bijna bedtijd. Mama zegt: "Het is tijd om te slapen, Liam." Liam kijkt naar de donkere kamer. Het is donker. Liam voelt zich een beetje bang.
Mama komt dichterbij. "Wat is er, Liam?" vraagt ze. "Het is donker, mama," zegt Liam.
Mama zegt: "Liam, kijk naar Benny. Hij is er bij jou." Liam knikt. "Ja, Benny is er."
Mama zegt: "Laten we samen een spelletje spelen. We tellen tot drie."
"1, 2, 3!" zegt mama. "Kijk, het is nog steeds donker. Maar Benny is hier."
Liam lacht een beetje. "Benny is hier."
Mama zegt: "Laten we samen een verhaal vertellen."
"Ja, een verhaal!" roept Liam.
Mama vertelt over een maan die in de lucht schijnt. "De maan is een goede vriend. Hij laat ons weten dat alles goed is."
Liam kijkt naar de donkere kamer. "De maan is een vriend," zegt hij.
Mama zegt: "Als je bang bent, kun je Benny knuffelen." Liam knuffelt Benny. Het voelt goed.
"Ik ben niet meer bang, mama," zegt Liam.
"Goed zo, Liam," zegt mama. "Slaap lekker met Benny."
Liam sluit zijn ogen. Het is donker, maar hij is niet bang. Benny is er en de maan kijkt toe.