Beer Bram houdt niet van het donker. Het donker maakt hem bang. Elke avond zegt hij tegen mama Beer, "Mama, het is zo donker." Mama Beer glimlacht en zegt, "Bram, het is oké. Het donker is je vriend."
"Waarom is het donker mijn vriend?" vraagt Bram. Mama Beer zegt, "Het donker helpt je slapen. Kijk, je ogen zijn moe. Ze willen rusten." Bram kijkt rond. Het is stil in de kamer.
Papa Beer komt binnen. "Hallo Bram, ben je klaar om te slapen?" vraagt hij. Bram zegt, "Papa, ik ben bang in het donker." Papa Beer knikt en zegt, "Dat is oké, Bram. Laten we samen een trucje proberen."
Papa Beer en Bram gaan rustig zitten. "Adem diep in, Bram," zegt Papa Beer. Bram ademt diep in. "En nu, adem uit." Bram ademt uit. "Zie je, het voelt beter," zegt Papa Beer.
Mama Beer geeft Bram zijn lievelingsknuffel. "Knuffel je vriendje," zegt ze. Bram knuffelt zijn knuffelbeer stevig. Hij voelt zich nu minder bang.
Mama Beer zegt, "Laten we samen een liedje zingen." Ze zingen zachtjes een slaapliedje. Bram luistert en glimlacht. Het liedje maakt hem rustig.
Bram voelt zich veilig. "Dank je, mama en papa," zegt hij slaperig. Hij sluit zijn ogen. Het donker is niet meer zo eng.
Mama en Papa Beer geven Bram een kus. "Slaap lekker, Bram," zeggen ze zachtjes. Bram slaapt rustig in. Het donker is nu zijn vriend.