Lille de Wolfje is een vrolijke wolf. Het is zomer en Wolfje is blij. Hij gaat met zijn vrienden naar het zomerkamp. "Wat gaan we doen?" vraagt Wolfje. "Spelen en leren!" zegt zijn vriendje, Timo.
Ze komen aan bij het kamp. Het is een mooie plek. Er zijn bomen, een meer en veel gras. Wolfje kijkt rond. "Kijk, daar is de zwemles!" zegt Timo. Ze rennen naar het meer. "Splashtijd!" roept Wolfje. Ze springen in het water. Het is koud, maar leuk!
Na het zwemmen gaan ze een spel spelen. Het heet 'verstoppertje'. Wolfje telt: "Eén, twee, drie..." Zijn vrienden rennen weg om zich te verstoppen. Wolfje zoekt ze. "Waar zijn jullie?" lacht hij. Hij vindt Timo achter een boom. "Gevonden!" zegt Wolfje blij.
Na het spel is het tijd voor een snack. Wolfje en zijn vrienden zitten in een kring. Ze eten fruit en drinken sap. "Lekker!" zegt Wolfje. "Ja, heel lekker!" zeggen zijn vrienden.
Later op de dag leren ze een nieuw spel. Het heet 'samenwerken'. Wolfje en Timo moeten samen een toren bouwen van blokken. "Teamwork!" zegt Timo. Wolfje knikt. Ze werken hard. Hun toren wordt hoog en sterk. "Hoera!" juichen ze als de toren niet omvalt.
De zon gaat onder. Het is tijd om naar huis te gaan. Wolfje is moe maar blij. "Wat een leuke dag!" zegt hij. "Ja, heel leuk!" zegt Timo. Wolfje weet dat samen spelen en leren het leukst is.