In een ver land, in de ruimte, zweeft een groot ruimteschip. Het schip is groot en wit. Het heeft veel lichten en knoppen. Binnenin is Jeroen. Jeroen is een slimme ingenieur.
Jeroen kijkt naar de sterren. "Wat mooi!" zegt hij. Maar dan hoort hij een piep. "Oh nee, een probleem!" zegt Jeroen. Er is iets kapot in het schip.
Jeroen pakt zijn gereedschap. Hij loopt voorzichtig. "Ik moet het maken," zegt hij. Zijn vriend, de robot Roos, helpt hem. "Wij kunnen het samen," zegt Roos.
Jeroen en Roos werken hard. Ze draaien schroeven en duwen knoppen. "Bijna klaar," zegt Jeroen. Het schip maakt weer een geluid. "Goed zo!" zegt Roos blij.
Ze kijken uit het raam. De sterren schitteren. Het ruimteschip zweeft rustig verder. Jeroen en Roos zitten samen. Ze zijn blij. Het probleem is weg.
Jeroen lacht. "We did it!" zegt hij. Roos knikt. "De ruimte is groot, maar wij zijn samen," zegt Roos. Ze voelen zich trots en gelukkig, en het ruimteschip zweeft verder de ruimte in.