Op een mooie ochtend vond Kleine Wolf een raadsel. Zijn rode bal was weg! Kleine Wolf keek om zich heen. Waar was de bal? Hij zag pootafdrukken in het zand. Ze waren groot en diep.
Kleine Wolf volgde de pootafdrukken. Ze gingen naar de hoge boom. Bij de boom zaten zijn vrienden: Vosje, Konijn en Eekhoorn. "Hebben jullie mijn bal gezien?" vroeg Kleine Wolf.
Vosje zei: "Nee, ik heb hem niet gezien."
Konijn keek verbaasd. "Misschien is die hoog in de boom," zei ze.
Eekhoorn sprong van tak naar tak. "Ik zal kijken," piepte hij. En daar, in de takken hoog boven, lag de bal!
Eekhoorn duwde de bal voorzichtig naar beneden. De bal viel zachtjes in het gras. Kleine Wolf was blij. "Dank je, Eekhoorn!" juichte hij.
Ze speelden samen met de bal. De zon scheen, en de wind blies zacht. Kleine Wolf keek naar zijn vrienden en lachte. Ze hadden het raadsel opgelost met elkaar.
Vrienden helpen elkaar altijd.