Op een zonnige ochtend staat Ella op en kijkt om zich heen. Ze ziet dat Poes niet op haar kussen ligt. "Waar is Poes?" vraagt ze zich af.
Ella loopt naar de keuken. Mama staat bij het aanrecht. "Mama, heb je Poes gezien?" vraagt Ella. Mama kijkt rond. "Nee, lieverd, ik heb Poes niet gezien. Laten we samen zoeken!"
Ella en Mama lopen naar de woonkamer. Ze kijken achter de bank, maar Poes is er niet. "Misschien is ze in de tuin," zegt Mama zachtjes.
In de tuin horen ze een zacht miauw. Ella lacht. "Daar is Poes!" roept ze blij. Poes zit onder de struik en speelt met een bolletje wol.
Ella gaat op haar knieën zitten en kijkt goed. Ze ziet kleine pootafdrukken in de aarde. "Kijk Mama, Poes heeft hier gespeeld!" zegt Ella. Mama knikt en glimlacht. "Poes vond het spannend om de tuin te onderzoeken."
Poes komt naar Ella toe en spint tevreden. Ella aait Poes zachtjes. "Wat fijn dat we je gevonden hebben!" fluistert ze.
Mama tilt Ella op en zegt: "Soms moeten we goed om ons heen kijken om iets te vinden." Ella knikt. Samen lopen ze naar binnen, Poes trippelt achter hen aan.
Samen voelen we ons nooit alleen.