Op een koude, witte avond, net voor Kerstmis, zat een klein meisje genaamd Lotte in haar warme kamer. Lotte was heel blij, want het was bijna Kerstmis.
"Kijk, mama, sneeuw!" riep Lotte terwijl ze naar buiten wees.
"Ja, Lotte, veel sneeuw," zei mama met een glimlach.
Buiten zag Lotte een klein, glinsterend lichtje. Het lichtje kwam dichterbij en veranderde in een kleine, lachende elf met een rode muts.
"Hallo Lotte," zei de elf vrolijk. "Ik ben Elfi. Wil je met mij een sneeuwavontuur beleven?"
Lotte klapte in haar handjes. "Ja, Elfi, een sneeuwavontuur!"
Samen stapten Lotte en Elfi naar buiten. De sneeuw was zacht en wit. Elfi toverde een grote, glinsterende slee tevoorschijn.
"Kijk, Lotte, een slee!" zei Elfi.
"Wow, een slee!" riep Lotte blij.
Ze klommen op de slee, en samen gleden ze snel door de sneeuw. De bomen leken te dansen, en de sterren twinkelden vrolijk.
Onderweg zagen ze grote, vriendelijke sneeuwpoppen en zingende vogels. De vogel zong: "Tjilp, tjilp, vrolijk Kerstfeest!"
Lotte lachte. "Vrolijk Kerstfeest, vogel!"
Elfi keek naar Lotte en zei: "Kerstmis is voor blij zijn en delen. Wil jij dat ook, Lotte?"
Lotte knikte met een grote glimlach. "Ja, blij zijn en delen."
Ze gleden verder tot ze bij een groot, versierd kerstboom kwamen. De boom was vol lichtjes en kleuren.
"Kijk, Lotte, de kerstboom!" zei Elfi.
"Mooi, kerstboom!" riep Lotte.
Lotte voelde zich warm en gelukkig. Samen met Elfi, de sneeuwpoppen en de vogeltjes, vierde ze de magische kerstnacht.
En zo leerde Lotte de echte magie van Kerstmis: blij zijn, delen en samen zijn.