Lotte is een klein meisje van twee jaar. Het is bijna Pasen! Lotte is zo blij. "Kijk, mama! De paashaas komt!" roept ze.
Mama lacht. "Ja, Lotte! De paashaas is op weg!"
Lotte wil helpen. "Wat kan ik doen, mama?" vraagt ze.
"Wij gaan eieren versieren!" zegt mama.
Lotte springt op en neer. "Ja! Eieren versieren!"
Mama pakt een groot, wit ei. "Dit is ons eerste ei. Wat voor kleur willen we?"
"Blauw! Blauw!" roept Lotte.
Mama geeft Lotte blauwe verf. Lotte schildert met blije stippen. "Kijk, mama! Mooi, hè?"
"Zooo mooi, Lotte!" zegt mama.
Ze maken meer eieren. Een geel ei, een groen ei, en een rood ei. "Pasen is zo leuk!" zegt Lotte.
"Ja, Lotte! En de paashaas komt straks!" zegt mama.
De stad is druk. Mensen lachen en zingen. Er zijn kleurige versieringen overal. Lotte ziet een grote parade. "Kijk, mama! Ballonnen!"
"Ja! En kijk daar, de paashaas!"
Lotte zwaait naar de paashaas. "Hallo, paashaas!"
De paashaas zwaait terug. "Hippity hop, Lotte!"
Lotte lacht. "Hippity hop!"
Ze gaan naar huis met de mooie eieren. Het is bijna tijd voor het grote Pasenfeest. "Ik hou van Pasen, mama!" zegt Lotte.
"Ik ook, Lotte. Samen is het het leukste!"