Hoofdstuk 1: De Voorbereidingen
Lara, Max en Sam waren druk in de weer in de tuin. Het was bijna Pasen! "Wat gaan we doen voor Pasen?" vroeg Lara met een grote glimlach. Max sprong op en neer. "We moeten de eieren versieren!" riep hij. Sam, die in een rolstoel zat, klapte in zijn handen. "Ja! En we kunnen ook een zoektocht organiseren!"
De kinderen gingen aan de slag. Ze pakten verf, kwasten en veel kleurrijke stiften. "Ik wil een blauw ei!" zei Lara. Max wilde een geel ei. Sam koos voor een groen ei. Ze maakten de mooiste eieren. "Kijk naar mijn ei!" riep Max trots. "Het is een zon!"
"Ik heb een bloem gemaakt!" zei Lara. Sam lachte. "Ik heb een regenboog!"
Hoofdstuk 2: De Zoektocht
De volgende dag was het eindelijk Pasen. De zon scheen en de vogels floten vrolijk. "Zijn we klaar voor de zoektocht?" vroeg Sam. "Ja!" zeiden Lara en Max tegelijk.
Ze kregen een kaart met aanwijzingen. "De eerste aanwijzing is onder de grote boom!" zei Sam. Ze renden naar de boom en keken goed. "Kijk, daar is een ei!" riep Lara. Ze vonden een prachtig paasei met glitters.
"Wat staat er op de volgende aanwijzing?" vroeg Max. Sam las het hardop voor. "Zoek bij de bloemen!"
Ze renden naar de bloemen en vonden nog meer eieren. "Dit is zo leuk!" zei Max. "Kijk, een paarse!" voegde Lara toe. Sam giggelde. "We zijn een goed team!"
Hoofdstuk 3: Het Grote Verhaal
Na de zoektocht gingen ze op een kleed zitten. "Wat een geweldige dag!" zei Lara. Max knikte. "Wat is de mooiste herinnering van vandaag?" vroeg hij.
"De eieren!" zei Sam. "En het verhaal van de paashaas!"
Lara vroeg: "Wat is het verhaal van de paashaas?" Sam glimlachte. "De paashaas verstopt de eieren voor ons, zodat we ze kunnen vinden!"
"Ja, en hij komt elke Pasen!" zei Max enthousiast. "We moeten hem volgend jaar weer uitnodigen!"
"Ja, dat moeten we doen!" lachte Lara. De kinderen waren blij. De tuin was vol met kleurige eieren, en hun harten waren vol met vreugde.
Het was een perfecte Pasen.