De Avontuur van Sam en zijn Vrienden
Op een mooie, zonnige dag zei Sam: "Laten we een avontuur beginnen!" Sam was een dapper jongetje van twee jaar. Hij had twee goede vrienden: Lila, de slimme meisje, en Max, de sterke jongen. Samen gingen ze naar een mysterieuze, verlaten eiland.
"Wat zoeken we?" vroeg Lila nieuwsgierig. "We zoeken de mythische eenhoorn!" riep Sam enthousiast. "Ja! De eenhoorn heeft een gouden hoorn!" zei Max.
Ze liepen door het hoge gras. Plotseling zagen ze een grote rivier. "Hoe komen we daar over?" vroeg Lila. "Ik heb een idee!" zei Max. "Laten we een brug maken met de takken!"
Ze verzamelden takken en maakten een stevige brug. "Goed zo, team!" zei Sam. Ze staken de rivier over. "We zijn dapper!" lachte Lila.
Aan de andere kant zagen ze een grote grot. "Daar moet de eenhoorn zijn!" zei Sam. Maar de ingang was donker en eng. "We kunnen het!" zei Lila. "Samen zijn we sterk!"
Ze gingen de grot in. Plotseling hoorden ze een zacht geluid: "Neigh!" Het was de eenhoorn! "Kijk!" riep Max. De eenhoorn had een prachtige gouden hoorn.
"Dat is geweldig!" zei Sam. "We hebben het gevonden!"
Ze dansten van blijdschap. "Wat een avontuur!" zei Lila. En zo keerden Sam en zijn vrienden gelukkig naar huis terug met het verhaal van de eenhoorn.