Het Verloren Knuffeltje
Er was eens een klein meisje. Haar naam was Lila. Lila was twee jaar oud. Ze had een mooie knuffel. Het was een schattige teddybeer. Lila noemde haar beer "Bobby".
Op een zonnige ochtend zei Lila: "Ik wil met Bobby spelen!" Maar toen ze keek, was Bobby weg! "Oh nee!" riep Lila. "Waar is Bobby?"
Lila keek onder de tafel. "Bobby, ben je hier?" vroeg ze. Maar Bobby was niet daar. Lila werd een beetje verdrietig. "Ik moet Bobby vinden!"
Lila ging naar de tuin. "Bobby!" riep ze. "Ben je daar?" De vogels zongen en de bloemen bloeiden. Maar geen Bobby.
Toen zei Lila: "Misschien is Bobby in de schommel!" Ze liep snel naar de schommel. "Bobby, kom tevoorschijn!" riep ze. Maar wat zag ze? Een grote, groene kikker sprong! "Kikker, heb jij Bobby gezien?" vroeg Lila.
"Quak, quak," zei de kikker. "Ik heb Bobby niet gezien."
Lila dacht na. "Misschien is Bobby in de speeltuin!" Ze rende naar de speeltuin. "Bobby, waar ben je?"
En toen, onder de glijbaan, zag Lila iets bruin. "Bobby!" riep Lila blij. "Ik heb je gevonden!"
Lila pakte haar teddybeer op. Ze omhelsde Bobby heel stevig. "Ik ben zo blij dat je er bent!" zei ze. De kikker sprong erbij. "Quak! Goed gedaan, Lila!"
Lila lachte. "Dank je, kikker! Nu kunnen we samen spelen!" En dat deden ze. Lila, Bobby en de kikker hadden een geweldige dag.
Einde.