Mira Sterkracht vliegt hoog. Ze is jong. Ze is sterk. Ze draagt een glanzend mantel. Haar haar glanst als zon. Haar laarzen maken zachte geluiden. Haar ogen stralen licht. Ze houdt van de stad. Ze houdt van de mensen. Ze lacht veel.
De stad is blauw en groen. Kleine huisjes staan naast bomen. Auto's zoemen zacht. Mensen lopen blij. Mira ziet alles van boven. Ze ziet een klein hondje vast in een plas. Ze ziet een ballon die in een boom zit. Ze ziet een lamp die niet werkt.
Mira duikt zacht. Haar handen zijn warm. Ze pakt het hondje. "Kom maar," zegt ze. Het hondje kwispelt. Ze zet het hondje op veilige grond. Ze zwaait naar de kinderen. "Kijk!" roept een kind. Mira klapt vrolijk.
Mira vliegt naar de boom. Ze pakt de ballon met één hand. De ballon is rood en blij. Mira blaast zacht tegen de boom. De ballon glijdt weg. Een meisje lacht en rent. "Dank je," zegt het meisje. Mira lacht terug.
Dan ziet Mira de lamp. Het licht is uit. Kinderen willen lezen. Mira legt haar hand op de lamp. Ze voelt zacht warmte. Het licht gaat aan. De straat wordt warm en veilig. Mensen klappen. Mira maakt een dans in de lucht. De stad ziet eruit als een doos vol sterren.
Er komt een kleine wind. Hij blaast een hoed weg. Mira zoeft snel. Ze pakt de hoed en brengt hem terug. Niemand is bang. Alles is rustig en fijn. Soms struikelt iemand. Mira is daar snel. Ze helpt met een hand. Iedereen voelt zich sterk.
Mira speelt met een grote glimlach. Ze is dapper. Ze is lief. Ze is grappig. Ze maakt de stad blij. Ze is altijd klaar om te helpen.
De grootste kracht is een warme lach voor wie hulp nodig heeft.