Op een mooie ochtend in de stad Zonnestad woont een superheldin genaamd Lila. Lila heeft een grote, glimmende cape en kan heel hoog springen. "Hop, hop!" zegt Lila als ze over gebouwen springt. Alle mensen zwaaien naar haar. Ze zeggen: "Hallo Lila, je bent geweldig!"
Lila heeft een speciale taak. Ze moet de stad veilig houden. Vandaag is er iets bijzonders. Een klein hondje zit vast op het dak. "Oh nee," zegt Lila, "ik moet helpen!" Ze springt omhoog, "Hop!" en landt zachtjes naast het hondje. Het hondje kwispelt blij met zijn staart. "Blaffie, we gaan naar beneden," zegt Lila.
Ze pakt Blaffie en springt "Hop, hop!" terug naar de grond. De mensen juichen en klappen. "Dank je, Lila!" roepen ze. Lila lacht en zegt: "Graag gedaan!"
Daarna is er een klein jongetje, Tim, die zijn bal kwijt is. De bal is in een hoge boom. "Oh nee," zegt Tim. Lila komt eraan. "Ik help wel, Tim," zegt ze vrolijk. Ze springt omhoog, "Hop!" en pakt de bal. "Hier is je bal," zegt Lila. Tim is blij en roept: "Dank je, Lila!"
Na een lange dag gaat Lila naar huis. Ze is blij en moe. Ze zegt: "Alles is veilig in Zonnestad."
En zo leert iedereen dat helpen een held maakt.