Superheld Max en de Vreemde Stad
Er was eens een superheld. Zijn naam was Max. Max had een grote blauwe cape en een vriendelijk gezicht. Hij had speciale krachten. Hij kon heel hard rennen en heel hoog springen. Max hielp iedereen in de stad.
Op een dag was er iets geks aan de hand. De lucht was donker en de sterren leken te verdwijnen. "Wat is er aan de hand?" vroeg Max. Hij keek om zich heen. De mensen waren bang.
"Max, help ons!" zei een kleine jongen. "Een vijand komt!"
Max knikte. "Ik ga de stad redden!"
Max rende naar het laboratorium van de slimme wetenschapper, Dr. Timo. "Dr. Timo, wat is er aan de hand?" vroeg Max.
Dr. Timo zei: "Een slechte man, de Donkere Schaduw, probeert de sterren te stelen!"
"Wat moeten we doen?" vroeg Max.
"We moeten de Donkere Schaduw stoppen!" zei Dr. Timo.
Max sprong hoog de lucht in. Hij zag de Donkere Schaduw. "Hé, stop daarmee!" riep Max.
De Donkere Schaduw lachte. "Nee, nooit!"
Max gebruikte zijn kracht. Hij rende snel en sprong hoog. Hij raakte de Donkere Schaduw met een grote klap. De sterren kwamen weer tevoorschijn!
"Ja!" zei Max. "De stad is gered!"
De mensen juichten. "Dank je, Max!"
Max glimlachte. "Samen zijn we sterk!"
En zo was de stad weer veilig en vrolijk. Max, de superheld, was de held van de dag!