Hoofdstuk 1: Lila en de Tijdmachine
Lila is drie jaar oud. Ze woont in een mooi huis met haar mama. Alles in het huis is heel bijzonder. De stoelen kunnen praten, en de lampen zingen een liedje als je klapt. Lila houdt van haar robotvriendje, Pip. Pip lacht altijd en zegt: “Hallo, Lila! Wat gaan we doen vandaag?”
Op een dag zegt mama: “Lila, wil je mee naar het grote Wetenschapsgebouw?” Lila knikt blij. Ze houdt van nieuwe dingen zien. Mama zegt: “Vandaag mag je iets heel speciaals proberen. Een reis in de tijd!”
Lila kijkt met grote ogen naar Pip. Pip zwaait met zijn armen. “Tijdreizen, Lila! Dat is spannend!” zegt Pip.
Lila en Pip stappen samen in de tijdmachine. De tijdmachine is groot en rond. Er zitten gekleurde knoppen op. Rood, geel, blauw en groen. Lila mag op een knop drukken. Ze kiest de blauwe knop, want blauw is haar lievelingskleur.
De tijdmachine bromt zachtjes. “Brom-brom,” zegt de machine. Lila voelt zich een beetje wiebelen. Pip pakt haar hand. “Niet bang zijn, Lila. Ik ben bij je,” zegt Pip.
Hoofdstuk 2: In het Land van de Ridders
Plotseling stopt de tijdmachine. De deur gaat open. Lila en Pip stappen naar buiten. Alles ziet er anders uit. Er zijn geen vliegende auto's meer. Geen zingende lampen. Alleen een groot groen veld en een kasteel!
Lila kijkt rond. Ze ziet een jongen met een houten zwaard. De jongen zwaait en zegt: “Hallo! Ik ben Tom de Ridder. Wie zijn jullie?” Lila zegt: “Ik ben Lila en dit is Pip.” Pip zwaait vrolijk.
Tom lacht. “Willen jullie met mij spelen? Maar eerst moet ik mijn schild vinden. Ik ben het kwijt.” Lila denkt na. “Wij helpen zoeken!” zegt ze.
Ze lopen samen door het gras. Lila kijkt onder een struik. Pip kijkt achter een boom. Tom kijkt bij de vijver. Ze zoeken samen. Ze zoeken nog een keer. Samen zoeken is fijn.
Pip roept: “Hier! Ik zie iets glimmen!” Het is het schild! Tom springt blij op. “Hoera! Mijn schild!” Lila klapt in haar handen. Pip doet een dansje.
Tom zegt: “Dank je wel, Lila en Pip. Nu kan ik weer ridder zijn!” Lila glimlacht. Ze vindt helpen fijn.
Hoofdstuk 3: Terug naar Huis
Lila hoort een zacht geluid. “Brom-brom,” zegt de tijdmachine. Pip fluistert: “Het is tijd om terug te gaan, Lila.” Lila zwaait naar Tom. “Dag Tom! Tot ziens!” Tom zwaait terug. “Dag Lila! Dag Pip! Bedankt voor jullie hulp!”
Lila en Pip stappen weer in de tijdmachine. Lila drukt op de blauwe knop. De machine bromt nog een keer. Alles wordt een beetje wiebelig. Lila houdt Pip goed vast.
Dan stopt de tijdmachine. Lila en Pip zijn weer thuis. Mama wacht op hen. “Hoe was het, Lila?” vraagt mama. Lila lacht: “Ik heb een ridder geholpen! Dat was leuk!”
Pip zegt: “Lila is heel dapper en heel lief.” Mama geeft Lila een knuffel. “Ik ben trots op jou, Lila.”
Lila kijkt naar Pip. Ze denkt aan Tom en het kasteel. Ze weet nu: de geschiedenis is vol mooie verhalen. Lila is blij dat ze heeft geholpen. Ze weet ook: samen zoeken en helpen is fijn.
Lila sluit haar ogen. Pip zegt zachtjes: “Tot de volgende tijdreis, Lila.” Lila glimlacht in haar slaap. Ze droomt van nog een avontuur, samen met Pip.