Max, de kleine jongen, speelt met zijn vrienden. "Hé, kijk!" zegt Max. "Laten we een kasteel bouwen!"
"Ja, ja!" roept Sara. "Met grote blokken!"
Luca schudt zijn hoofd. "Nee, nee! We hebben geen blokken!"
"Wat dan?" vraagt Max.
"Een tent! We kunnen een tent maken!" zegt Sofie.
"Goed idee!" zeggen ze allemaal. Ze rennen naar de tuin.
In de tuin zien ze een grote doos. "Wat is dat?" vraagt Max.
"Een schatkist!" zegt Sara.
"Ja, met een schat!" roept Luca.
"Wat voor schat?" vraagt Sofie.
"Wat als we de schat in de tent stoppen?" stelt Max voor.
"Dat is leuk!" zegt Sara.
Ze beginnen te werken. Ze trekken de doos naar de boom. De doos is zwaar!
"Help!" zegt Luca, terwijl hij de doos duwt.
"Ik duw!" roept Sofie.
"Ik trek!" zegt Max.
De doos valt om! "Oeps!" lachen ze.
"Wat nu?" vraagt Sofie.
"Misschien moeten we de doos versieren!" zegt Sara.
"Ja! Met tekeningen!" zegt Max.
Ze gebruiken kleuren en stickers. De doos wordt mooi.
"Goede schat!" zegt Luca. "Zullen we de tent maken?"
"Ja!" zeggen ze.
Ze vouwen de dekens en zetten de doos op zijn kop.
"Het lijkt op een kasteel!" zegt Max.
"En wij zijn de prinsen en prinsessen!" lacht Sofie.
"Hoera!" juichen ze samen.
Maar dan... "Wat is dat?" vraagt Max.
"De kat!" zegt Sara.
De kat springt in de doos! "Miauw!"
"De schat is weg!" roept Luca.
"Nee, de kat is de schat!" zegt Sofie.
Ze lachen zo hard!
"De kat is grappig!" zegt Max.
"Ja! Laten we het kasteel delen!" zegt Sara.
Ze spelen met de kat in hun kasteel.
"Wat een avontuur!" zegt Max.
"Ja, met vrienden!" zegt Sofie.
Ze lachen en spelen de hele middag.
"Vriendschap is de mooiste schat!" zegt Max.
"Ja!" zeggen ze allemaal. "Hoera voor ons!"