Kleine Emma speelt buiten met haar vriendjes. Daar is Lucas, die altijd lacht. En Sophie, die houdt van rennen. En Max, die gekke gezichten trekt. Emma zegt: "Laten we een kasteel bouwen!"
Ze pakken zand. Emma schept zand. Lucas maakt torens. Sophie zoekt schelpjes. Max legt een stokje als vlag. Het kasteel is bijna klaar. Maar o nee! Een grote plas water komt eraan! Snel, snel!
Emma roept: "Red het kasteel!" Alle vriendjes halen hun emmertjes. Ze scheppen water weg. Plas, plas, weg met het water. Ze lachen en gieten. Het water stopt!
Emma zegt: "Nu is het kasteel veilig." Iedereen klapt. Maar dan komt er een eend aan. Hup, hup, recht naar het kasteel. "Oh nee," roept Sophie. "Kijk uit!"
Max maakt snel een muur van zand. "Nee eend, dit is ons kasteel!" De eend kijkt. Waggelt weg. Iedereen lacht.
Dan komt een windvlaag. Woei, woei, zand vliegt! Lucas klampt zijn hoed vast. "Pas op voor de wind," lacht hij. Ze houden elkaars handen vast, zodat niemand omwaait.
De wind stopt. Emma zegt: "Wat een avontuur!" Ze kijken naar hun kasteel. Het staat nog steeds. Iedereen juicht!
"Nu thee," zegt Emma. Ze schenken denkbeeldige thee in kopjes. "Proost!" zegt Max. "Op ons kasteel en op ons!" roept Sophie.
Ze drinken hun denkbeeldige thee. "Mmm, lekker," lacht Lucas. Iedereen giechelt. Ze zijn blij.
De zon gaat zakken. Tijd om naar huis te gaan. "Wat was het leuk," zegt Emma. Haar vriendjes knikken. "Morgen weer?" vraagt Sophie.
"Ja, morgen weer," zegt Emma stralend. Ze zwaaien en lachen. Beste vrienden, samen altijd pret.