“Waar is mijn mama?” zegt kleine Vos.
“Kijk!” zegt Vos. “Overal kleuren! Daar een clown!”
“Hallo Vos!” zegt de clown. “Wil je een ballon?”
“Ja!” lacht Vos. “Is mama hier?”
“Nee, Vos. Maar kijk, daar is de tovenaar!”
Vos rent. “Tovenaar! Heb jij mama gezien?”
“Niet gezien, Vos. Maar kijk, ik maak een bloem!”
“Wauw!” zegt Vos. “Is papa hier?”
“Niet hier, Vos. Maar kijk, daar zijn zingende kinderen!”
Vos zwaait. “Hallo kinderen! Hebben jullie mijn vrienden gezien?”
“Kom dansen, Vos!” roepen ze.
Vos lacht, springt, danst en draait.
Plots roept iemand: “Vos! Hier!”
Het is mama! Het is papa! Het zijn vrienden!
Allemaal lachen. “Carnaval is fijn!” zegt Vos.