Luna en Mila zijn blij. Het is carnaval op school!
Luna zegt: “Ik wil een roze hoed!”
Mila zegt: “Ik wil een gele cape!”
Samen lachen ze.
“Hoed op! Cape om!” roept Luna.
“Klaar voor het feest!” lacht Mila.
De klas is vol kleuren. Overal slingers, overal ballonnen.
De juf zegt: “Kijk, iedereen maakt iets moois!”
Luna knipt papier. Mila plakt stippen.
“Kijk, een grote vlinder!” zegt Luna.
“En ik ben een leeuw!” brult Mila zachtjes.
Ze lachen samen.
Plots hoort Luna iets ritselen.
Wat is dat?
Onder een tafel ziet ze een kleine doos.
Mila kruipt erbij.
Samen kloppen ze op de doos.
Tok, tok, tok!
De doos springt open!
Binnenin ligt een briefje.
Luna leest: “Zoek de gouden ballon!”
Ze kijken om zich heen.
“Waar is de gouden ballon?” vraagt Mila.
Ze zoeken achter stoelen, tussen kussens.
Luna lacht: “Daar!”
In de hoek zweeft een gouden ballon.
Hij glanst en glimt.
Samen pakken ze de ballon.
Er hangt weer een briefje aan.
“Breng de ballon naar juf!”
Ze rennen naar de juf.
“Juf, kijk!” roepen ze samen.
De juf lacht: “Wat knap! Jullie zijn de ballon-vriendjes!”
Nu begint het grote feest.
Alle kinderen dansen.
Luna springt, Mila draait rond.
Samen zingen ze: “Feest, feest, carnaval feest!”
De gouden ballon zweeft mee.
Iedereen lacht, iedereen is blij.
Wat een vrolijke, magische dag!