Kleine Tim was één jaar oud en ging naar het circus. Het circus was groot en vol kleuren. Tim keek met grote ogen rond. Daar zag hij Bella, de dansende olifant.
"Hallo Bella!" zei Tim.
"Hallo Tim!" trompetteerde Bella met haar slurf.
Bella had een probleem. Haar bal was weg. Ze kon niet dansen zonder haar bal.
"Waar is je bal, Bella?" vroeg Tim.
"Bal kwijt, bal kwijt," zei Bella verdrietig.
Tim keek rond. Hij zag een rode bal onder de tent.
"Daar is de bal!" riep Tim blij.
"Bal gevonden, bal gevonden!" juichte Bella.
Tim en Bella waren blij. Bella kon nu dansen. Ze sprong op de bal. Ze danste in rondjes.
"Dans Bella, dans!" lachte Tim.
Bella danste en danste. Tim klapte in zijn handjes.
"Hiep hiep hoera!" zei Tim.
Het publiek lachte en klapte. Iedereen was blij.
Tim hielp Bella. Bella danste mooi. Het circus was magisch.
"Dag Bella," zei Tim aan het einde.
"Dag Tim," zwaaide Bella met haar slurf.
Tim was moe en gelukkig. Hij sliep met een lach. Het circus was leuk en Bella was zijn vriend. En zo eindigde het circusavontuur van kleine Tim en Bella.