Mats is drie jaar.
Hij heeft een kleine blauwe camera.
Hij zegt: “Ik ben Mats, speurder Mats!”
Mats woont in een gezellig huis.
Voor het huis is een tuintje.
In het tuintje bloeien rode en gele bloemen.
Mats maakt vaak foto's van de bloemen.
Klik! zegt de camera.
Op een ochtend komt mama binnen.
Ze kijkt naar de tafel.
Ze fronst een beetje.
“Mats,” zegt ze rustig, “de koekjes zijn weg.”
Op de tafel staat een lege schaal.
Gisteravond lagen daar ronde koekjes.
Met vrolijke chocoladepuntjes.
“Wie heeft de koekjes gepakt?” vraagt mama.
Ze lacht zacht. “Weet jij het, speurder Mats?”
Mats zet zijn camera om zijn nek.
Hij voelt zich groot en dapper.
“Ja,” zegt hij. “Ik ga zoeken.”
Wil jij Mats helpen met zoeken?
Kijk goed mee.
Luister goed mee.
Mats kijkt eerst naar de schaal.
Er liggen kruimels.
Hele kleine stukjes koekje.
Klik! Hij maakt een foto van de kruimels.
“De koekjes waren hier,” zegt Mats.
“Nu zijn ze weg.”
Mama wijst naar de grond.
“Kijk eens daar.”
Op de grond liggen meer kruimels.
Ze lopen als een spoor.
Van de tafel naar de deur.
“Een kruimelspoor,” zegt Mats.
Hij buigt zich.
Klik! Een foto van het spoor.
Waar denk jij dat het spoor heen gaat?
Naar de keuken?
Naar de kamer van Mats?
Of naar de tuin?
Het spoor gaat naar de achterdeur.
De deur staat een klein stukje open.
Een zacht briesje waait naar binnen.
“Heb jij de deur open gelaten, Mats?” vraagt mama.
Mats schudt zijn hoofd.
“Nee,” zegt hij. “Denk ik niet.”
Mats kijkt heel goed naar de deurmat.
Daar liggen moddervlekjes.
En… zijn dat pootafdrukken?
Kleine, ronde pootjes in de modder.
Klik! Mats maakt een foto van de deurmat.
“Is het een hond?” vraagt hij.
Mama schudt haar hoofd.
“Te klein,” zegt ze.
“Is het een dinosaurus?” lacht Mats.
Mama lacht ook. “Die bestaan niet meer.”
Wie heeft dan die pootjes gemaakt, denk jij?
Mats en mama lopen samen naar de tuin.
Het is rustig buiten.
De lucht is zacht en blauw.
In de tuin is het kippenhok.
Daar woont Kip Kato.
Kato is wit met bruine vlekken.
Mats kijkt goed.
Hij ziet iets naast het hok.
Kruimels!
En een klein koekje.
Met een hapje eruit.
Klik! Een foto van het koekje.
“Kijk, mama!” roept Mats.
“Koekjes in de tuin!”
Op dat moment zegt iets: “Tok-tok-tok!”
Het geluid komt uit het kippenhok.
Mats loopt langzaam naar het hok.
Hij is niet bang, alleen nieuwsgierig.
“Dag Kato,” zegt hij zacht.
In het hok zit Kip Kato.
Voor Kato ligt…
Nog een koekje!
Half opgegeten.
“Kato!” zegt Mats verbaasd.
“Heb jij de koekjes gepakt?”
Kato zegt alleen: “Tok-tok-tok,”
en tikt met haar snavel tegen het koekje.
Mama kijkt naar Mats.
“Wat denk jij, speurder?” vraagt ze.
“Heeft Kato de koekjes gestolen?”
Mats denkt na.
Hij krabt even aan zijn hoofd.
Hij kijkt naar Kato.
Hij kijkt naar de deur.
Hij kijkt naar het kruimelspoor.
Wil jij ook even nadenken?
Wie heeft de koekjes meegenomen?
En waarom?
Mats zegt: “Misschien… misschien niet gestolen.
Misschien was Kato gewoon heel hongerig.”
Mama knikt.
“En misschien,” zegt ze,
“heb ik de schaal te dicht bij de rand gezet.
En misschien stond de deur een beetje open.”
Mats kijkt naar zijn camera.
“Dan is het een ongelukje,” zegt hij.
“Een koekjes-ongelukje.”
Mama glimlacht.
“Een koekjes-mysterie,” zegt ze.
“En jij hebt het opgelost.”
Mats maakt nog een foto van Kato.
Kato kijkt recht in de camera.
Klik!
Daarna haalt mama de koekjes weg bij het hok.
Ze geeft Kato wat graan.
“Dit is beter voor jou,” zegt ze.
Binnen in de keuken pakt mama een nieuwe schaal.
Ze legt er weer koekjes op.
“Voor straks,” zegt ze.
“Als toetje.”
Mats krijgt nu één koekje.
“Voor de beste speurder,” zegt mama.
Mats neemt een hap.
“Volgende keer,” zegt hij,
“maak ik eerst een foto van de hele schaal.
Dan kunnen we altijd kijken.”
Mama lacht.
“Dat is slim,” zegt ze.
“Goed gedacht.”
Mats voelt zich trots.
Hij kijkt naar zijn foto's.
Kruimels. Deurmat. Tuin. Kip.
“Speurder Mats,” fluistert hij.
“Met zijn speur-camera.”
Buiten zegt Kip Kato nog één keer zacht:
“Tok-tok-tok.”
Alles is weer rustig.
Het huis is weer gezellig.
Het mysterie is opgelost.
En Mats is blij en moe.
Die avond ligt hij in zijn bed.
Zijn camera ligt op het kastje.
Hij geeft de camera een klein tikje.
“Morgen,” fluistert Mats,
“zoeken we weer iets uit.”
Dan doet hij zijn ogen dicht.
Alles is veilig.
Alles is goed.