Hoofdstuk 1: De Wens van Wobbel
Op een mooie zonnige dag zat Tim, een guitig jongetje van vier jaar, in de tuin te spelen. Hij had zijn favoriete rode bal bij zich en gooide die steeds hoger in de lucht. Plotseling botste de bal tegen iets zachts en donzigs. Tim keek omhoog en zag een vreemde, pluizige figuur die op een wolk leek te zitten.
"Hallo daar!" riep de wolkachtige figuur met een vrolijke stem. "Ik ben Wobbel, de wensenvanger. Wat is jouw naam?"
"Ik ben Tim," antwoordde Tim nieuwsgierig. "Wat doe jij daar boven op die wolk?"
"Ik verzamel wensen!" zei Wobbel met een knipoog. "En vandaag mag jij een wens doen. Maar pas op, het moet een grappige wens zijn!"
Tim dacht even na. Hij wilde iets wat heel gek en leuk was. "Ik wens dat alles wat ik aanraak, verandert in pudding!" riep hij uit.
"Een uitstekende keuze!" lachte Wobbel. "Klaar voor wat puddingpret?"
Hoofdstuk 2: Puddingpret
Vanaf dat moment veranderde alles wat Tim aanraakte in pudding. Zijn bal werd een grote, drilpudding. "Wow," lachte Tim, "dit is grappig!"
Hij rende naar de keuken en raakte de deurknop aan. De deur veranderde in een heerlijke chocoladepudding. "Mama! Kijk eens!" riep Tim. Zijn moeder kwam de keuken binnen en keek verbaasd naar de puddingdeur.
"Tim, wat heb je nou weer gedaan?" vroeg ze lachend. Ze vond het wel grappig, maar ook een beetje rommelig.
"Het is mijn wens," legde Tim uit. "Alles wordt pudding!"
Tim vond het geweldig. Hij rende naar de tuin en raakte een boom aan. De boom veranderde in een gigantische vanillepudding. Vogels die op de puddingboom zaten, keken verbaasd om zich heen en begonnen voorzichtig te pikken aan de zachte puddingtakken.
Hoofdstuk 3: Terug naar Normaal
Na een tijdje begon Tim te merken dat zijn puddingwens toch een beetje lastig was. Hij kon zijn speelgoed niet meer gebruiken, omdat het allemaal pudding werd. En zijn kleren zaten onder de puddingvlekken.
"Ik denk dat ik mijn wens terug wil," zei Tim tegen Wobbel, die nog steeds op zijn wolk zat te kijken.
Wobbel glimlachte en knipoogde weer. "Dat kan, Tim. Maar alleen als je belooft dat je me een andere keer weer iets grappigs vertelt."
"Dat beloof ik!" zei Tim. En met een zwaai van zijn pluizige hand veranderde Wobbel alles weer terug naar normaal.
Tim was blij dat zijn bal weer een bal was en de boom weer een boom. Hij zwaaide naar Wobbel. "Dank je, Wobbel! Tot de volgende keer!"
En zo ging Tim met een grote glimlach naar bed, dromend over zijn volgende grappige avontuur met Wobbel de wensenvanger. Met een gerust hart viel hij in slaap, klaar voor nieuwe dromen en avonturen.