Deel 1: Dikke Sok en de Springende Schaapjes
Dikke Sok ligt in zijn bedje. Hij kijkt naar zijn knuffelbeer. “Beer, ik ben nog niet moe,” fluistert Dikke Sok. Zijn mama lacht zachtjes. “Tel maar schaapjes, liefje. Dat helpt.”
Dikke Sok wiebelt met zijn tenen onder het dekentje. “Eén schaap, twee schaap,” fluistert hij. Maar in zijn kamer is het niet stil. Plots springt een schaap over zijn kussen! Het schaap heeft een gekke hoed op. “Hoi Dikke Sok,” zegt het schaap.
Dikke Sok begint te giechelen. “Wat een rare hoed heb jij!” Het schaap springt nog een keer. “Ik ben feest-schaap! Waar is mijn taart?”
Dikke Sok kijkt rond. “Hier is geen taart, schaap. Alleen een banaan!” Hij geeft het schaap zijn speelgoedbanaan. Het schaap knabbelt. “Mmm!” zegt het.
Nog een schaap stapt zijn kamer in. Dit schaap heeft sokken aan. “Hallo, ik ben sokken-schaap! Ik ben mijn andere sok kwijt.”
Dikke Sok kijkt naar zijn voetjes. “Neem er eentje van mij!” lacht hij. Sokken-schaap pakt een sok en springt vrolijk op het bed.
Deel 2: De Gekke Telwedstrijd
Nu zijn er twee schapen op het bed. Dikke Sok telt hardop: “Eén schaap, twee schapen!”
Opeens, BOING, springt er een derde schaap binnen. Dit schaap heeft een bril op. “Ik zie alles dubbel!” zegt het schaap.
Dikke Sok knikt. “Dat is handig om te tellen. Kun jij helpen?”
Brillen-schaap knippert. “Ja hoor!” Samen tellen ze: “Eén... twee... drie!”
Maar nu is er verwarring. Het feest-schaap springt op het kussen. “Ben ik nu nummer één of twee?” vraagt hij.
Sokken-schaap lacht. “Nee, ik ben twee!”
Brillen-schaap zegt: “Ik denk dat ik drie ben. Maar misschien ben ik ook vier?”
Dikke Sok giechelt. “Jullie zijn allemaal een beetje gek!”
Alle schapen springen samen. Het bedje wiebelt. De knuffelbeer lacht.
Deel 3: Slaperige Schaapjes en Zoete Dromen
Plots zijn de schapen moe. Feest-schaap gaapt. “Ik heb geen taart nodig. Ik wil slapen.”
Sokken-schaap rolt in een dekentje. “Mmm, zacht!”
Brillen-schaap poetst zijn bril en legt zijn hoofd neer.
Dikke Sok voelt zijn oogjes zwaar worden. “Nu tel ik nog één schaap, twee schapen, drie schapen... en dan slaap ik zelf.”
Zijn mama komt zachtjes binnen. Ze geeft een warme kus.
Dikke Sok fluistert: “Dankjewel, schapen. Dankjewel, beer. Slaap zachtjes.”
De schapen knorren zachtjes. Dikke Sok sluit zijn ogen.
Alles wordt rustig. De kamer is stil, behalve een klein gesnurk van Dikke Sok en zijn schaapjes.
Morgen is er weer tijd om te tellen. Maar nu, nu mag iedereen heerlijk slapen.