Tok-tok! De zon schijnt door het raam. Meneer Dokter doet zijn witte jas aan. “Goedemorgen!” zegt hij vrolijk. Op zijn bureau liggen pleisters, een stethoscoop en een pop. Piep-piep! De telefoon gaat.
“Hallo, ik ben dokter!” lacht meneer Dokter. “Wie heeft hulp nodig?”
Een klein meisje komt binnen met haar knuffelbeer. “Beer heeft au,” fluistert ze zachtjes. Meneer Dokter knielt. “Mag ik even kijken?” Hij luistert met zijn stethoscoop. Tik-tik! “Beer zegt boem-boem!” grinnikt meneer Dokter. Het meisje lacht.
Meneer Dokter pakt een zachte pleister. Plak! “Zo, beer is weer blij,” zegt hij zacht. Het meisje geeft haar beer een kus. “Dank je wel, dokter!” roept ze.
Dan komt een jongen met zijn mama. Hij hoest. “Hoest je veel?” vraagt meneer Dokter. De jongen knikt. Meneer Dokter kijkt in zijn mond. “Zeg aaah,” zegt hij. “Aaah!” doet de jongen. Alles ziet er goed uit.
“Veel water drinken,” zegt meneer Dokter. “En fijn buiten spelen!” De jongen lacht.
Meneer Dokter zwaait naar iedereen. “Dag allemaal, samen zorgen we goed voor elkaar!”
Samen zorgen is fijn en helpt iedereen beter worden.