Er is eens een dappere vrouw, een ridder met een grote glimlach. Zij heet Lila! Lila heeft een groot zwaard dat glimt in de zon. Ze rijdt op een paard, genaamd Bobo. Bobo zegt "hinnik, hinnik!" als hij blij is.
Vandaag gaan Lila en Bobo op avontuur. Ze moeten door het grote bos. De bomen zijn hoog, heel hoog. "Kijk daar!" zegt Lila. Ze wijst naar iets glimmends op de grond. Het is een kleine schat! "Oh, wat spannend! We moeten dapper zijn."
Lila en Bobo komen bij een rivier. Het water zegt "kabbel, kabbel." Er is geen brug. "Hoe nu verder?" vraagt Lila. Ze denkt na. "We springen!" roept ze blij. Bobo springt, splash! Ze zijn droog aan de overkant. "Hoera!" roepen ze samen.
Dan zien ze een boze draak. De draak zegt "grrrrr." Maar Lila lacht. "Geen zorgen, draak," zegt ze. Ze geeft de draak een appel. De draak eet, knabbel, knabbel. Nu is de draak blij! Hij zwaait met zijn grote vleugels en vliegt weg.
Lila en Bobo gaan verder. Ze vinden een dorp. De mensen zijn blij. "Joepie!" roepen ze. Iedereen danst en zingt. Lila is een heldin. "Dank je, Lila," zeggen de mensen.
Lila en Bobo zijn moe nu. Ze gaan naar huis. Onderweg zegt Bobo "hinnik, hinnik." Lila lacht en zegt "tot morgen, avontuur!"
De zon gaat onder. Lila en Bobo rusten uit. Ze dromen over nieuwe avonturen.
Met moed en een glimlach, kun je alles overwinnen.