Hoofdstuk 1: Het Feest in de Straat
Het is een zonnige dag. De lucht is blauw. Kleine Lila is drie jaar. Lila woont in een vrolijke straat. Vandaag is het feest in de straat. Overal hangen slingers en ballonnen. Alle buren zijn blij. Iedereen lacht.
Lila zit op haar knieën. Ze kijkt goed rond. “Ik ben een speurneus,” zegt Lila zacht. Ze houdt van zoeken. Ze houdt van mysteries.
Lila's beste vriendje Max komt aan. Max draagt een rode pet. “Wat doe je, Lila?” vraagt Max.
“Ik ben een speurneus vandaag,” zegt Lila. “Wil jij mee zoeken?”
Max knikt. “Ja! Ik ben ook een speurneus!”
Dan komt Mila erbij. Mila heeft lange blonde haren. “Wat zoeken we?” vraagt Mila.
“We zoeken een mysterie!” zegt Lila. “We vormen samen het Detectiveclubje.”
Lila, Max en Mila lachen. Ze hebben er zin in. Samen gaan ze op pad.
Hoofdstuk 2: Waar zijn de Snoepjes?
Op het feest is er een grote tafel. Op de tafel liggen koekjes, limonade en veel gekleurde snoepjes. Maar opeens roept buurvrouw Sofie: “Oh nee! De groene snoepjes zijn weg! Wie heeft de groene snoepjes gezien?”
Iedereen kijkt rond. De groene snoepjes zijn verdwenen.
“We hebben een mysterie!” zegt Lila blij. “Kom op, speurneuzen! Laten we zoeken!”
Max kijkt onder de tafel. Geen snoepjes. Mila kijkt in de mand. Geen snoepjes.
Lila kijkt heel goed. Ze ziet kleine groene kruimels op de grond. “Kijk!” zegt Lila. “Groene kruimels!” Ze wijst naar de grond.
“Zullen we de kruimels volgen?” vraagt Max.
“Ja!” zegt Mila. “Dat is spannend!”
Ze volgen samen de groene kruimels. Ze lopen langs de ballonnen, langs de limonade, tot bij een grote struik.
Hoofdstuk 3: De Oplossing
Achter de struik horen ze gesmak. Wie zit daar?
Ja hoor, het is Bobbie de hond! Bobbie kwispelt blij met zijn staart. Zijn snoet zit vol groene kruimels.
“Bobbie!” roept Lila. “Jij hebt de groene snoepjes gevonden!”
Bobbie blaft zacht. Hij kijkt ondeugend. Dan likt hij vrolijk over Lila's hand.
Iedereen moet lachen. “Goed gedaan, speurneuzen!” zegt buurvrouw Sofie. “Jullie hebben het mysterie opgelost!”
Lila, Max en Mila zijn trots. Ze hebben samen gewerkt. Ze hebben goed gekeken. Ze hebben het mysterie opgelost.
Buurvrouw Sofie geeft de kinderen een nieuw schaaltje snoepjes. “Dit zijn extra snoepjes, omdat jullie zulke goede speurneuzen zijn!”
Lila deelt de snoepjes met Max, Mila en Bobbie. Iedereen is blij. Het feest gaat verder. De muziek speelt, de zon schijnt.
“Wat een leuke dag,” zegt Lila zacht. “Ik ben graag een speurneus, samen met mijn vrienden.”
Max knikt. Mila lacht. Bobbie blaft zacht. Samen zijn ze het beste detectiveclubje van de straat.
Iedereen is blij. Iedereen is samen. En als er weer een mysterie is, zijn Lila en haar vrienden klaar om te zoeken.
Het einde.