De donkere kamer
Lotte was een vrolijk meisje van vier jaar. Ze had grote, nieuwsgierige ogen en een prachtige glimlach. Elke dag speelde ze met haar vriendjes in de tuin, maar er was één ding waar ze heel bang voor was: het donker. Zodra de zon onderging, begon Lotte te bibberen.
Op een avond, toen de zon onderging, zat Lotte op de rand van haar bed. “Mama!” riep ze terwijl ze haar knuffelbeer stevig vasthield. “Ik ben bang in het donker!”
Haar moeder kwam snel naar boven. “Wat is er, Lotte?” vroeg ze met een zachte stem.
“Ik wil het licht aanhouden,” zei Lotte. “Wat als er monsters in de kamer zijn?”
Haar moeder knielde naast haar bed. “Er zijn geen monsters, Lotte. Maar ik begrijp dat je bang bent. Wat als we samen een spel spelen om het donker minder eng te maken?”
Lotte keek haar moeder aan, haar ogen groot van nieuwsgierigheid. “Een spel? Hoe dan?”
“Hm,” dacht haar moeder na. “We kunnen de donkere kamer een bijzondere plek maken. Wat als we onze eigen sterren in de kamer hangen?”
“Sterren?” vroeg Lotte enthousiast.
“Ja! Laten we samen mooie tekeningen van sterren maken en ze aan de muur hangen,” zei haar moeder.
Lotte sprong op van haar bed. “Ja! Dat klinkt leuk! Dan is de kamer niet meer zo donker.”
De sterren maken
Lotte en haar moeder gingen naar de keukentafel. Daar haalden ze papier, kleurpotloden en glitter tevoorschijn. “We gaan beginnen!” zei Lotte, blij en vol energie.
“Wat voor sterren gaan we maken?” vroeg haar moeder.
“Grote sterren en kleine sterren!” riep Lotte terwijl ze begon te tekenen. Ze maakte een grote gele ster met een glimlach. “Kijk, mama! Deze ster is heel blij!”
“Wat een mooie ster, Lotte! Je bent een geweldige kunstenaar!” zei haar moeder terwijl ze haar eigen sterren begon te tekenen.
Na een tijdje hadden ze veel sterren gemaakt. Sommige waren rond, andere hadden punten. “Nu de glitter!” zei Lotte. Ze strooide glitter over haar sterren en ze glinsterden in het licht.
“Dit is zo leuk!” lachte haar moeder. “Laten we ze aan de muur plakken.”
Lotte en haar moeder plakten de sterren op de muren van de kamer. Langzaam begon de kamer te veranderen. Het leek een magische plek vol glinsterende sterren.
“Hé, kijk!” zei Lotte. “Het is al een beetje minder donker!”
“Ja, en we hebben nog meer sterren om op te hangen!” zei haar moeder.
“Helaas is het tijd om naar bed te gaan,” zei haar moeder uiteindelijk terwijl ze naar de klok keek.
“Maar ik ben nog niet klaar met mijn sterren!” protesteerde Lotte.
“Ze blijven er morgen ook, schat. En we kunnen elke avond meer sterren maken,” zei haar moeder. “Laten we het licht uit doen en samen onder de dekens kruipen.”
Lotte knikte. “Oké, maar ik wil wel dat u naast me gaat liggen.”
“Hoor je het? De sterren stralen voor ons,” zei haar moeder terwijl ze het licht uitdeed. “Sluit je ogen en luister naar het geluid van de nacht.”
Lotte sloot haar ogen, maar haar hart klopte snel. “Wat als er toch een monster komt?” fluisterde ze.
“Hé, denk aan de sterren! Ze beschermen ons. En ik ben hier bij jou,” zei haar moeder zachtjes.
Lotte voelde zich een beetje beter. “Oké, mama. Ik probeer te slapen.”
De ochtend na de nacht
De volgende ochtend werd Lotte wakker met de zon die door de gordijnen scheen. Ze rekte zich uit en herinnerde zich de sterren in haar kamer. “Mama! Kijk!” riep ze enthousiast.
Haar moeder kwam de kamer binnen met een grote glimlach. “Hoe voelde je je gisteravond?”
“Het was leuk! De sterren maakten het minder eng,” zei Lotte terwijl ze naar de sterren op de muur wees.
“Dat is geweldig, Lotte! Zie je wel? Je hoeft niet bang te zijn voor het donker,” zei haar moeder. “De sterren zijn er altijd om je te helpen.”
Lotte knikte en voelde zich trots. “Ik wil meer sterren maken! En misschien kunnen we ook een maan maken!”
“Dat is een fantastisch idee! Laten we vandaag een grote maan maken,” zei haar moeder met enthousiasme.
Lotte sprong uit bed en rende naar de keuken. “Kom op, mama! Laten we snel aan de slag gaan!”
Die dag maakten ze samen een prachtige maan van karton en verf. Toen de maan klaar was, hingen ze die naast de sterren. Lotte keek naar haar kamer en voelde zich blij. “Kijk, mama! Het is zo mooi!”
“Ja, het is geweldig! Nu is je kamer een echte sterrenhemel,” zei haar moeder.
Lotte glimlachte. “Ik ben niet meer bang in het donker!”
En zo leerde Lotte dat het donker niet zo eng was als ze dacht. Dankzij de sterren en de maan voelde ze zich veilig en gelukkig. Iedere avond voordat ze ging slapen, keek ze naar haar sterrenhemel en viel met een glimlach in slaap.
“Dank je, mama,” fluisterde ze, terwijl ze haar ogen sloot. “Ik hou van onze sterren.”
“En ik hou van jou, Lotte,” zei haar moeder en gaf haar een kus. “Slaap lekker, mijn ster.”
En met die woorden viel Lotte in een diepe, vredige slaap, omringd door haar magische sterren.