Hoofdstuk 1: Zomerdag bij het kamp
Konijn Sam wordt vroeg wakker. De zon schijnt zacht in zijn huisje. Sam springt uit bed. “Vandaag ga ik naar het zomerkamp,” zegt Sam blij.
Mama Konijn lacht. “Heel fijn, Sam. Je mag nieuwe dingen leren en spelen met andere konijntjes.” Sam knikt. “Ik ben een beetje zenuwachtig, mama.” Mama Konijn geeft een knuffel. “Dat is niet erg. Het wordt leuk!”
Buiten staan de vriendjes al te wachten. Daar is Mila, de kleine bruine konijn. Ze zwaait. “Hoi Sam! Ben je klaar voor het kamp?” Sam lacht. “Ja, ik ben er klaar voor!”
Hoofdstuk 2: Spelen en leren
Bij het kamp is alles vrolijk. Grote bomen geven schaduw. Er zijn veel bloemen. De kampbegeleider, juf Vos, roept: “Kom, konijntjes! We gaan samen spelen.”
De konijntjes maken samen een kring. Juf Vos zegt: “We leren vandaag iets nieuws. We gaan samen schilderen!” Sam krijgt een kwast. Mila lacht: “Ik schilder een grote zon.” Sam denkt na. “Ik schilder mijn familie!”
Ze schilderen samen. De lucht is blauw. De zon is warm. Iedereen is blij. “Mooi gedaan, Sam!” zegt juf Vos. Sam lacht trots.
Daarna spelen ze tikkertje. “Jij bent ‘m!” roept Mila lachend. Sam rent en lacht. Samen rennen ze over het gras. Ze rollen en springen. “Wat is het fijn om samen te spelen,” zegt Sam zacht.
Hoofdstuk 3: Samen zijn is fijn
Na het spel drinken de konijntjes water. Ze zitten in een kring. Juf Vos vraagt: “Wat vonden jullie leuk vandaag?” Mila zegt: “Schilderen met Sam!” Sam zegt: “Tikkertje was leuk!”
Juf Vos knikt blij. “Samen spelen is fijn. Samen leren is fijn.” Sam kijkt om zich heen. “Ik heb nieuwe vrienden gemaakt,” zegt hij zachtjes.
Als de dag voorbij is, komt Mama Konijn hem halen. “Heb je een fijne dag gehad?” vraagt ze. Sam lacht. “Ja, mama! Ik heb geschilderd, gerend en gelachen. Ik heb veel geleerd.”
Mama Konijn knuffelt Sam. “Ik ben trots op jou.” Sam voelt zich blij en veilig. Samen lopen ze naar huis. Sam kijkt naar de zon en denkt: “Vakantie is mooi als je samen bent.”
De volgende dag wil Sam weer naar het kamp. Hij wil spelen, leren en samen zijn met zijn vrienden. De zomer is warm en vol avontuur. Sam weet, samen is alles leuker.