De Donkere Nacht
Het was een rustige avond. De zon ging onder en de lucht veranderde van blauw naar diep paars. Sam, een klein jongetje van drie jaar, zat op de grond in zijn slaapkamer. Hij speelde met zijn blokken en maakte een hoge toren. Maar toen de zon helemaal onderging, voelde Sam iets vreemds.
“Waarom is het zo donker?” vroeg Sam, terwijl hij naar zijn mama keek.
Zijn mama, die in de deuropening stond, glimlachte. “Het is gewoon de nacht, Sam. Kijk, de sterren komen tevoorschijn!”
“Maar ik zie ze niet,” zei Sam, terwijl hij zijn ogen samenkneep. “Het is te donker!”
Mama kwam dichterbij en knielde naast hem. “Het is niet eng, lieverd. Het is gewoon anders. Wil je dat ik het licht aansteek?”
Sam knikte. “Ja, alsjeblieft!”
Mama drukte op de schakelaar en het lampje gaf een warm, zacht licht. “Kijk, nu is het niet meer zo donker, toch?”
“Ja, maar als het licht uit is, dan is het zo eng,” zei Sam met een bibberende stem.
“Waarom denk je dat het eng is?” vroeg mama nieuwsgierig.
“Het is donker en ik kan niets zien. Wat als er iets is?” antwoordde Sam.
Mama dacht even na. “Weet je, soms denken we dat er iets engs is in het donker. Maar vaak is het gewoon onze verbeelding. Wil je dat ik je een verhaal vertel over de nacht?”
“Ja, graag!” zei Sam, terwijl hij zich gezellig tegen mama aanleunde.
Het Verhaal van de Nacht
Mama begon te vertellen. “Er was eens een kleine uil, die heette Ollie. Ollie woonde in een groot, donker bos. Elke nacht, als de zon onderging, werd het bos stil. Ollie vond het in het begin ook eng. Hij vroeg zich af wat er allemaal in het donker was.”
“Wat was er in het donker, mama?” vroeg Sam nieuwsgierig.
“Nou,” ging mama verder, “Ollie dacht dat er monsters waren. Maar op een avond besloot hij om op avontuur te gaan. Hij vloog naar een grote boom en zag dat de sterren schitterden.”
“Waren de sterren mooi?” vroeg Sam met grote ogen.
“Ja, heel mooi! Ollie ontdekte dat de sterren hem gezelschap hielden. Hij voelde zich niet meer alleen. En terwijl hij verder vloog, hoorde hij het gezang van de nacht. De kikkers kwaken, de wind fluistert en zelfs de bladeren maken geluid.”
“Wat leuk!” zei Sam enthousiast. “Ollie was niet bang meer!”
“Precies!” zei mama. “Ollie leerde dat het donker niet eng was, maar vol wonderen en geluiden. Hij ontmoette andere dieren, zoals een vriendelijke vos en een vrolijke egel. Samen dansten ze onder de sterren.”
“Dat klinkt mooi, mama. Ik wil ook dansen onder de sterren!” zei Sam.
“Helaas, het is nu tijd om te gaan slapen,” zei mama. “Maar je kunt altijd dromen over Ollie en zijn avonturen.”
“Hé, mama,” zei Sam, terwijl hij zijn hoofd op zijn kussen legde. “Wat als ik toch bang ben in het donker?”
Mama aaide hem over zijn hoofd. “Als je bang bent, kun je altijd denken aan Ollie. En weet dat je nooit alleen bent. Ik ben dichtbij.”
Sam knikte. “Oké, ik ga het proberen!”
De Dappere Sam
Die nacht lag Sam in bed met zijn ogen wijd open. Het was donker, maar hij dacht aan Ollie de uil. “Ollie is dapper,” fluisterde hij. “Hij heeft geen angst voor het donker.”
Even later hoorde hij een geluid. “Wat was dat?” dacht hij. Zijn hart klopte snel. Maar toen herinnerde hij zich Ollie. “Het is gewoon de wind,” zei hij tegen zichzelf.
Sam ademde diep in en sloot zijn ogen. “Ik ben dapper zoals Ollie.” En langzaam viel hij in slaap.
Een paar nachten later, terwijl de sterren buiten schitterden, werd Sam wakker. Het was donker en hij hoorde een geluid. “Help!” dacht hij, “wat als er iets is?”
Maar toen herinnerde hij zich zijn avontuur met Ollie. Hij zei tegen zichzelf: “Het is gewoon de wind. Ik ben dapper. Ik ben Sam!”
Sam voelde zich beter. Hij besloot om uit bed te komen en naar het raam te gaan. Hij keek naar buiten en zag de sterren stralen. “Kijk, daar is Ollie,” zei hij. “Hij is niet bang!”
Op dat moment hoorde hij zijn mama die de kamer binnenkwam. “Sam, wat doe je hier?” vroeg ze.
“Ik kijk naar de sterren!” zei Sam vrolijk. “Ik ben niet bang meer.”
“Wat goed van je!” zei mama met een glimlach. “Kijk, de sterren zijn er altijd, zelfs als het donker is.”
“Ja, en ik ben dapper!” zei Sam trots.
Mama omhelsde hem. “Dat ben je, Sam. De nacht is vol magie en wonderen.”
En zo leerde Sam dat het donker niet eng hoeft te zijn. Het kan vol sterren en avonturen zitten, net als Ollie de uil. Sam viel weer in slaap, dromend van de mooie sterren en de avonturen van de nacht.