Ze is drie jaar oud. Ze heet Noor. Het is Moederdag. De zon lacht zacht door het raam.
Noor wil iets geven. Ze wil een bloem voor mama maken. Dat is haar plan. Ze voelt zich groot en trots.
Papa knielt bij haar. Hij zegt zacht: "Neem je mandje." Hij geeft haar een klein mandje. Het mandje is licht en vrolijk.
Buurvrouw Anna klopt aan de deur. Zij brengt iets bijzonders. "Voor Noor," zegt zij. Ze houdt een rol mooi cadeaupapier vast. Het papier heeft gele stippen en kleine hartjes. Noor kijkt met grote ogen. Ze houdt het papier voorzichtig vast. Dit is speciaal.
Noor loopt naar de tuin. De tuin ruikt naar aarde en lente. Ze ziet madeliefjes en paarse veldbloemen. Ze ziet ook een klein groen blaadje dat op de grond ligt. Noor kiest bloemen met zorg. Ze plukt niet te veel. Ze vraagt zacht: "Mag ik deze?" Ze zegt dat tegen de plantjes in haar hoofd. Ze voelt dat delen goed is.
Ze stopt een madeliefje in het mandje. Ze pakt een paarse bloem erbij. Ze kiest ook wat blaadjes. Ze denkt aan mama en aan haar lach. Ze telt zachtjes: één, twee, drie bloemen. Dat is genoeg.
Noor brengt de bloemen naar de keuken. Ze wast haar handen even. Ze weet dat schoon maken hoort bij zorgen. Ze snijdt het papier af met kinderhandschoenen om. Papa houdt het stukje keukenmesje vast. Hij helpt haar voorzichtig. Dit is verantwoordelijkheid, zegt hij, en hij knikt.
Ze legt de bloemen op het papier. Ze vouwt het papier met kleine handen. Het papier ruikt een beetje naar stoom van de thee. Ze lacht. Het vouwen voelt als knuffelen met papier.
Noor bindt de bloemen samen met een groen lint. Ze knoopt met twee kleine strikken. De strik is niet perfect. Dat maakt niets uit. Ze geeft het mandje een laatste veeg. Alles is klaar.
Mam komt de kamer binnen. Haar ogen worden zacht. Ze ruikt de bloemen. Ze zegt: "Wat mooi." Noor loopt naar haar toe. Ze geeft het pakje met beide handen. Haar hart klopt vrolijk.
Mama geeft Noor een hele grote knuffel. "Dank je wel, lieve jongen," zegt papa plagerig. Iedereen lacht. Noor lacht mee. Ze voelt zich warm vanbinnen.
Ze drinken samen thee. Mama zet de bloemen op tafel. De bloemen glimmen als kleine zonnetjes. Noor zit op schoot en kijkt naar mama. Ze voelt dat zij goed heeft gezorgd.
Aan het einde van de dag zegt Noor zacht: "Dag mama." Mama kust haar voorhoofd. Ze fluistert: "Ik hou van jou." Noor sluit haar ogen met een blij gezicht. De kamer is rustig en vol liefde. Ze slaapt bijna, met de geur van bloemen in haar neus.