Hoofdstuk 1: Luna aan tafel
Luna zit aan tafel met mama en papa. Het is avond, de zon is bijna weg. Op tafel staan lekkere hapjes. Er zijn dadels, soep en een groot bord rijst met groente.
“Mama, wanneer mogen we eten?” vraagt Luna zachtjes.
Mama lacht. “We wachten nog heel even, lieve Luna. Als de zon onder is, mogen we samen eten. Dat heet iftar.”
Luna kijkt naar buiten. De lucht is oranje en roze. Ze vindt de kleuren mooi. Papa zegt: “Nog één klein momentje, lief meisje.”
Luna lacht en wiebelt op haar stoel. Ze is een beetje hongerig, maar wachten samen met mama en papa vindt ze fijn.
Dan klinkt er ineens een zacht geluid. “Plop!” roept het. Luna kijkt verbaasd. Mama en papa kijken ook. Er ligt opeens een klein, glinsterend sterretje op haar bord. Het sterretje beweegt een beetje. Luna giechelt. “Hallo, sterretje!”
Hoofdstuk 2: Het magische sterretje
Het sterretje sprankelt en lacht. “Hallo Luna! Mag ik mee-eten?” vraagt het sterretje met een piepstem.
Luna lacht en knikt. “Ja, natuurlijk, sterretje! Kom maar zitten.”
Mama lacht zachtjes. “Wat gezellig, Luna. Een magisch vriendje bij het eten!”
Papa zegt: “Sterretjes eten misschien licht.” Hij knipoogt.
Het sterretje springt op een stukje dadel en zegt: “Mmm, lekker licht en zoet!” Luna moet hard lachen. Ze geeft het sterretje een stukje rijst. Het sterretje rolt erin en roept: “Hoera, ik heb een rijstsjaal!”
Mama en papa lachen ook. Luna voelt zich warm en blij. Het is zo leuk samen aan tafel.
Hoofdstuk 3: Samen delen, samen lachen
De zon is nu helemaal weg. Mama zegt: “Nu mogen we eten, Luna.” Luna klapt in haar handjes. Ze proeft de soep. Het sterretje springt op haar lepel. “Oeh, warme soep!” zegt het vrolijk.
Papa zegt: “Luna, wat vind je van ons magische bezoek?” Luna knuffelt het sterretje. “Ik vind het lief! Mag het blijven slapen?” vraagt ze.
Het sterretje draait rond. “Ik blijf vannacht in je kamer en breng mooie dromen,” zegt het zacht.
Luna deelt een stukje brood met mama, papa en het sterretje. Samen lachen ze. Alles voelt fijn en veilig.
Mama fluistert: “Ramadan is samen zijn en delen, Luna. Dat is het mooiste.”
Het sterretje knipoogt. “En een beetje magie hoort daar ook bij!”
Luna geeuwt. Ze voelt zich moe maar gelukkig. Hand in hand brengt mama haar naar bed. Het sterretje straalt zachtjes aan het voeteneind. Luna sluit haar ogen. Alles is goed, alles is lief.