Hoofdstuk 1: Vrolijke voorbereidingen
Op een mooie lentedag zitten Lila, Noor en Yasmin samen in de tuin. De zon schijnt. De lucht is blauw. De bloemen dansen zachtjes in de wind.
Lila kijkt naar haar twee beste vriendinnen en zegt: “Vandaag is het een bijzondere dag. Noor, jij gaat je klaarmaken voor de Ramadan, toch?”
Noor lacht, haar ogen glinsteren. “Ja! Mijn mama zegt dat Ramadan bijna begint. We gaan samen versieren en lekkere soep maken voor vanavond!”
Yasmin klapt vrolijk in haar handen. “Mogen wij helpen, Noor?”
Noor knikt blij. “Ja! Jullie mogen mij helpen. We maken er een feest van!”
Samen lopen de drie meisjes naar het huis van Noor. Noors mama staat in de keuken en zwaait vrolijk. “Welkom, meisjes! Jullie kunnen beginnen met versieren.”
De meisjes zoeken kleurige slingers en grote gouden sterren. Lila hangt een ster op het raam. Yasmin probeert een lange slinger om de stoel te doen, maar de slinger kriebelt in haar neus.
“Hatsjie!” roept Yasmin. De meisjes lachen hard. Noor zegt: “Je bent nu een versier-neus!”
Iedereen giechelt. Lila roept: “Wij zijn de Ramadan versier-kampioenen!” Dat klinkt grappig en vrolijk.
Hoofdstuk 2: Een magische soep
Als de kamer mooi versierd is, gaan de meisjes naar de keuken. Noors mama helpt met het snijden van groenten voor de soep. Noor strijkt haar schort glad en zegt: “Iedereen mag één groente in de pan doen!”
Lila kiest een wortel. Yasmin kiest een mooie, glimmende paprika. Noor kiest een kleine aardappel.
“Nu roeren!” roept Noors mama. Maar de lepel is heel groot en zwaar. Lila probeert te roeren maar de lepel wiebelt heen en weer. “Oei, de lepel wil dansen!” zegt Lila. Noor en Yasmin giechelen weer. Elke keer als ze roeren, springt de lepel een beetje omhoog.
Plotseling dwarrelen er kleine gouden sterretjes uit de pan. “Kijk!” roept Noor, “de soep is een beetje toverachtig vandaag!”
Yasmin kijkt met grote ogen. “Misschien krijgt iedereen straks een beetje sterrenkracht van deze soep,” fluistert ze.
“Dan kunnen we allemaal een beetje licht delen,” zegt Lila zacht.
Noors mama lacht. “De soep van vandaag is gevuld met vriendschap en een beetje magie.”
Hoofdstuk 3: Samen delen
's Avonds als de zon ondergaat, zitten Lila, Noor en Yasmin samen met Noors familie aan tafel. Er zijn kaarsjes en de sterren hangen nog steeds aan het raam.
Noors mama haalt de grote pan soep op tafel. Ze zegt: “Jullie hebben allemaal zo goed geholpen. De soep is extra lekker vandaag!”
Iedereen eet samen. Het smaakt warm en zacht. Er worden veel grapjes gemaakt. Af en toe giechelt er iemand, vooral als Yasmin weer met haar lepel danst.
Na het eten zegt Lila zachtjes: “We delen de soep, en we delen geluk.”
Noor knikt en zegt: “En een beetje magie ook!”
Yasmin geeft haar twee vriendinnen een dikke knuffel. Ze zegt: “Samen zijn is het allerfijnst.”
Als de lucht buiten goud kleurt en de sterren knipogen, fluistert Noor: “Ik ben blij dat we samen zijn. Ramadan is extra bijzonder met vrienden dichtbij.”
En zo, in het warme licht van de kamer, voelen de drie meisjes zich heel gelukkig. Ze weten: samen delen is het allermooist. De magie van vriendschap straalt zachtjes door de nacht.