Hoofdstuk 1: De Tijdmachine van Loïs
Loïs was een nieuwsgierig meisje van vijf jaar. Ze hield van knutselen en stelde altijd veel vragen. Op een zonnige ochtend zat Loïs aan haar knutseltafel. Ze keek naar alle spullen: een oude klok, wat kartonnen dozen, zilverfolie en een grote rode knop.
“Mama, als ik een tijdmachine maak, kan ik dan naar vroeger reizen?” vroeg Loïs.
Mama lachte. “Misschien, als je goed bouwt en goed oplet!”
Loïs begon te werken. Ze plakte de doos dicht, maakte raampjes van plastic bekers en wikkelde alles in zilverfolie. De klok plakte ze bovenaan en de rode knop kwam voorop. Ze tekende met stift: TIJDMACHINE.
Toen de tijdmachine klaar was, kroop Loïs erin. Ze hield haar knuffelbeer stevig vast.
“Ik ben klaar om te vertrekken!” zei Loïs.
Ze drukte op de grote rode knop. “Drie... twee... één... Tijdreis!” riep ze.
Alles begon te draaien. Loïs voelde zich licht en tegelijk een beetje zenuwachtig. Ze hoorde een zacht gezoem en ineens was het stil.
Hoofdstuk 2: De Lachende Smid
Loïs keek voorzichtig naar buiten. Ze zag een groot vuur, vonken en een vrolijke meneer met een grote hamer.
“Hallo!” riep Loïs.
De meneer keek op en zwaaide breeduit. “Welkom! Ik ben Henk de Smid. Wie ben jij?”
“Ik ben Loïs. Ik kom uit de toekomst. Met mijn tijdmachine,” zei ze trots.
Henk lachte hard. “Uit de toekomst? Dat klinkt bijzonder! Kom binnen, kijk maar rond.”
Loïs stapte uit haar machine en keek haar ogen uit. Overal lagen hoefijzers, hamers en glimmend gereedschap. Het rook naar metaal en hout.
“Mag ik iets maken?” vroeg Loïs.
“Natuurlijk,” zei Henk. “Maar in mijn smederij werken we altijd samen. Veiligheid eerst!”
Loïs knikte. “Veiligheid is belangrijk. Ik luister goed.”
Samen maakten ze een klein hoefijzer. Henk hielp Loïs met de zware hamer. “Goed gedaan!” zei hij trots.
Loïs lachte. Ze voelde zich sterk en slim.
Hoofdstuk 3: Een Klein Probleem
Loïs keek op haar klok. “Ik moet straks terug naar huis. Maar eerst wil ik mijn tijdmachine laten zien!”
Henk liep mee naar buiten. Maar toen Loïs op de rode knop wilde drukken, gebeurde er niets.
“Oh nee!” zei ze. “De knop doet het niet meer.”
Henk keek mee. “Misschien is de batterij leeg, of misschien heb je een stukje gereedschap nodig?”
Loïs dacht na. Ze keek naar haar notitieboekje. Ze schreef:
‘Probleem: tijdmachine werkt niet. Oplossing zoeken.'
Ze keek goed naar haar machine. Toen zag ze dat de zilverfolie gescheurd was. “Misschien moet ik het repareren.”
Henk gaf haar een stukje koperdraad. Samen plakten ze alles weer vast. Loïs lachte. “Dankjewel, Henk!”
“Reizen door de tijd is niet makkelijk,” zei Henk. “Maar je leert veel door te proberen.”
Loïs knikte. “En als er iets misgaat, moet je rustig blijven en hulp vragen.”
Hoofdstuk 4: Terug naar Nu
De tijdmachine stond weer klaar. Loïs zwaaide naar Henk. “Bedankt voor alles!”
“Graag gedaan, Loïs! Vergeet niet: help altijd waar je kunt, en wees voorzichtig met tijdreizen!” zei Henk met een knipoog.
Loïs stapte in haar machine. Ze drukte op de rode knop. Alles begon te zoemen en te draaien. Plotseling zat Loïs weer in haar kamer, bij haar knutseltafel.
Mama kwam binnen. “En, Loïs? Hoe was jouw reis?”
Loïs lachte breed. “Ik heb veel geleerd! Over hoefijzers en samenwerken. En als iets niet lukt, zoek ik een oplossing.”
Mama glimlachte. “Dat is heel knap van jou, Loïs.”
Loïs pakte haar notitieboekje en schreef:
‘Reisverslag: Tijdmachine werkt! Je leert veel van proberen. Samenwerken is fijn. En altijd goed opletten!'
Loïs keek naar haar tijdmachine en voelde zich trots. Ze wist: nu is een fijne tijd, vooral als je samenwerkt en goed voor alles zorgt. Misschien zou ze morgen weer op reis gaan. Of misschien zou ze gewoon thuis een nieuwe uitvinding proberen.
Ze gaf haar knuffelbeer een dikke knuffel en riep zachtjes: “Tot de volgende tijdreis!”