Hoofdstuk 1
Lotte is een lief klein meisje van drie jaar. Ze woont in een mooie stad met veel bomen en bloemen. Op een zonnige dag zegt haar mama: "Lotte, laten we naar het natuurreservaat gaan!" Lotte is blij. "Ja, mama! Dat wil ik heel graag!"
In het natuurreservaat ziet Lotte veel kleuren. "Kijk, mama! Kijk naar die mooie vlinders!" zegt ze. De vlinders fladderen vrolijk van bloem naar bloem. "Ze zijn zo mooi," zegt mama. "Ze helpen de bloemen groeien."
Lotte ziet een eekhoorn in een boom. "Mama, wat doet de eekhoorn?" vraagt ze nieuwsgierig. Mama antwoordt: "De eekhoorn zoekt een noot. Eekhoorns zijn belangrijk voor de natuur. Ze helpen de bomen te groeien." Lotte knikt. "Ik wil ook helpen!" zegt ze enthousiast.
Hoofdstuk 2
Terwijl ze verder wandelen, ziet Lotte een stukje afval op de grond. "Mama, wat is dat?" vraagt ze. Mama zegt: "Dat is afval. Het hoort niet in de natuur. We moeten de natuur schoonhouden." Lotte denkt na. "Ik wil het oprapen!" zegt ze. Ze bukt en pakt het afval op. "Dit is een goede daad!" zegt mama met een glimlach.
Onderweg komen ze een groepje kinderen tegen. "Wat doen jullie?" vragen de kinderen. Lotte zegt: "We helpen de natuur!" De kinderen kijken naar Lotte en mama. "Dat willen wij ook doen!" zeggen ze. Samen beginnen ze het afval op te ruimen.
Lotte voelt zich blij. "Kijk, mama! We maken de natuur schoon!" zegt ze. Mama knikt. "Ja, Lotte, we doen het samen!"
Hoofdstuk 3
Na het opruimen gaan ze naar een plek met veel bloemen. Lotte ruikt de bloemen. "Ze ruiken zo lekker!" zegt ze. Mama zegt: "Als we goed voor de natuur zorgen, blijven de bloemen mooi." Lotte kijkt om zich heen en ziet de vlinders weer. "Ze zijn terug!" roept ze.
De kinderen spelen en lachen. Lotte voelt zich gelukkig. "We hebben de natuur geholpen!" zegt ze blij. Mama zegt: "Ja, en dat is belangrijk. We moeten altijd goed voor de aarde zorgen."
Als ze weer thuis zijn, zegt Lotte: "Ik wil elke dag helpen!" Mama knuffelt Lotte en zegt: "Dat is een geweldig idee, Lotte. Samen kunnen we de wereld een beetje mooier maken."
Lotte gaat naar bed en denkt aan de mooie dag. Ze weet nu dat elke kleine actie helpt. "Ik hou van de natuur," fluistert ze. En dat maakt haar heel blij.