Er was eens een klein olifantje genaamd Ella. Ella was een vrolijk olifantje met grote, zachte oren en een lange slurf. Ze woonde in een mooie, groene jungle vol met kleurrijke bloemen en hoge bomen. Ella hield van spelen met haar vrienden, de schattige aapjes Miko en Tiko.
Op een zonnige dag zei Ella: "Laten we samen spelen!" Miko en Tiko sprongen op en neer. "Ja, laten we spelen!" riepen ze. Ze renden door de jungle, lachten en maakten plezier. Maar plotseling zagen ze iets vreemds: een grote, glimmende steen lag midden op het pad.
"Wat is dat?" vroeg Ella nieuwsgierig. Miko en Tiko keken ook. "Ik weet het niet," zei Miko. "Laten we het onderzoeken!" zei Tiko. Ella knikte: "Ja, laten we dat doen!"
Toen ze dichterbij kwamen, zagen ze dat de steen een prachtige, kleurrijke schat was. "Wow!" zei Ella. "Wat een mooie schat!" Maar ze zagen ook dat de schat vastzat onder de steen. "Oh nee, hoe krijgen we het eruit?" vroeg Ella bezorgd.
Miko dacht na. "We moeten samenwerken!" zei hij. "Ja, dat is een goed idee!" zei Tiko. Ella, Miko en Tiko duwden samen tegen de steen. "Duw harder!" riep Ella. "Ja, samen kunnen we het!"
En met al hun kracht duwden ze. De steen rolde weg en de schat kwam vrij! "Hoera!" juichten ze. "We hebben het gedaan!" Ella, Miko en Tiko dansten van blijdschap.
"Wat hebben we geleerd?" vroeg Ella. "Dat samenwerken leuk is!" zei Miko. "Ja, en dat we altijd voor elkaar moeten zorgen," voegde Tiko toe.
Vanaf die dag speelden Ella, Miko en Tiko altijd samen, en ze wisten dat vriendschap en samenwerking de mooiste schatten van allemaal zijn.
En zo leefden ze nog lang en gelukkig in de jungle, vol met avontuur en vreugde.
Einde