Bezig met laden...
Verhalen van kleine onderzoekers 7/8 jaar Lezen 17 min.

De sterren-speurtocht en het verdwenen gelukssterretje

Lena en Noor helpen hun klasgenoot Samira haar verdwenen zilveren sterretje terug te vinden en ontdekken tijdens hun speurtocht onverwachte aanwijzingen die leiden naar een groter raadsel rond het planetarium.

Download dit verhaal als PDF

Ideaal om dit verhaal te delen of af te drukken!

Download het e-book (.epub)

Lees dit verhaal op uw e-reader.

Vier meisjes in een planetarium onder een donkere koepel met zacht blauw licht en een sterrenprojectie: Lena (ongeveer 9) met bruin glad haar in een paardenstaart en een donkerblauwe jas houdt een open notitieboekje links; Noor (ongeveer 9) met blond krullend haar en een geel truitje staat iets rechts en leunt voorover glimlachend; Samira (ongeveer 8) met zwart haar en een groene jurk staat middenvoor en houdt een zilveren stervormige hanger tegen haar borst; Mila (ongeveer 9) met kort kastanjebruin haar en een rood jasje rechts reikt de hanger terug naar Samira; de sfeer is zacht en emotioneel, met vriendelijke gebaren en lichte glimlachen. meld een probleem met deze afbeelding

Hoofdstuk 1

Lena had een klein notitieboekje met een elastiek eromheen. Ze noemde het haar speurboek. Alles wat ze zag, schreef ze netjes op: tijd, plek, en wat er precies gebeurde. Lena was rustig, georganiseerd en bijna nooit in paniek.

Noor, haar beste vriendin, was het tegenovergestelde. Noor dacht snel, bewoog snel en kon zelfs een gom kwijt raken terwijl ze hem vasthield. Maar samen waren ze een topteam.

Die dinsdagmiddag hing er een vreemd briefje op het prikbord bij de klas. Het was met dikke stift geschreven:

“STERREN-SPEURTOCHT VANAVOND IN HET PLANETARIUM!

NEEM JE MOOISTE GELUKSSTER MEE.”

Noor's ogen glommen. “Een speurtocht tussen de sterren!”

Lena knikte. Ze keek meteen naar de kleine lijst onderaan: je moest een geluksster meenemen. In hun klas had bijna iedereen zoiets: een sleutelhanger, een steentje, een kaartje, iets kleins dat je aan geluk deed denken.

Maar toen ze na de les hun tassen pakten, kwam Samira uit de gang gerend. Ze hield haar hand omhoog. Die was leeg.

“Mijn geluksster is weg,” zei Samira met een bibberstem. Het klonk niet echt eng, meer alsof ze verdrietig was. “Het was een klein zilveren sterretje aan een rood koordje. Mijn oma gaf het.”

Lena sloeg haar speurboek open. Noor boog er meteen bij. Lena schreef bovenaan: ZAAK 12 – HET VERDWENEN STERRETJE.

“Wanneer had je het voor het laatst?” vroeg Lena zacht.

Samira dacht na. “Tijdens gym. Ik had het om mijn nek. Daarna deed ik het in mijn jaszak, denk ik.”

“Gym…” Noor wees naar de sporthaldeur. “Daar zijn ook die lange rijen met EPS-kastjes.”

Lena knikte. Een duidelijk begin. En geen reden tot grote zorgen, vond ze. Dingen verdwijnen soms… en duiken vaak weer op.

Ze liepen naar de sporthal. In de gang rook het naar schoonmaakmiddel en een beetje naar oude gymmatten. De rij EPS-kastjes stond aan de muur. Elk kastje had een nummer, en sommige hadden grappige stickers.

Samira keek naar haar eigen kastje, nummer 18. “Hier zat mijn jas.”

Lena keek om zich heen. Ze deed wat ze altijd deed: eerst kijken, dan denken, dan pas doen. Op de vloer lag een verdwaalde veter. Bij kastje 17 lag een propje papier. En bij kastje 18 zat een kleine kras bij het slot.

Noor fluisterde: “Zie je die kras? Alsof iemand er met een sleutel langs schuurde.”

Lena schreef: kras bij slot 18. Ze stelde nog een vraag. “Wie zat er in de buurt bij gym?”

Samira haalde haar schouders op. “Iedereen. We moesten tikkertje doen. Het ging super snel.”

Noor grinnikte. “Dat klinkt als mijn hoofd.”

Lena glimlachte. “We zoeken rustig. Stap voor stap.”

Ze opende het kastje van Samira, samen met haar, want het was haar spullen. Er lag een gymschoen, een haarborstel en een jasje. Lena voelde voorzichtig in de jaszak. Niets.

“Oké,” zei Lena. “Dan maken we een lijst met mogelijkheden.”

Noor stak twee vingers op. “Mogelijkheid één: het ligt nog hier, maar verstopt. Mogelijkheid twee: het is gevallen. Mogelijkheid drie: iemand heeft het per ongeluk meegenomen.”

Lena schreef ze op. “En mogelijkheid vier,” zei ze, “iemand heeft het expres gepakt. Maar dat is pas de laatste optie.”

Noor knikte. Het voelde fijner om niet meteen aan het ergste te denken.

In de verte hoorde je gelach uit de kantine. Alles was gewoon, zoals altijd. Alleen dat kleine sterretje niet.

Lena sloot haar speurboek. “We gaan sporen zoeken. En we zorgen dat Samira vanavond toch mee kan doen.”

Samira zuchtte, maar haar ogen werden iets rustiger. “Dank jullie wel.”

Hoofdstuk 2

Lena en Noor begonnen bij de simpelste plek: de vloer rond de kastjes. Lena liep langzaam, alsof ze een geheime kaart las. Noor keek sneller, maar ze probeerde zich in te houden.

Bij het propje papier van kastje 17 bukte Noor. “Het is een schema! Kijk.” Ze vouwde het open. Het was een plattegrondje van het planetarium, met pijltjes en kleine sterren. Er stond ook: “STIL ZIJN BIJ DE KOEPel.

Lena schreef in haar boek: plattegrond planetarium gevonden bij kastjes. “Dit is van de speurtocht van vanavond,” zei ze. “Iemand heeft het hier laten vallen.”

Noor keek naar de kras bij kastje 18. “Misschien was iemand gehaast en botste tegen het slot.”

Lena knikte. Ze keek naar de veter op de grond. De veter was blauw en vrij lang. “Welke schoenen hebben blauwe veters?”

Noor keek naar de klaslijst in haar hoofd. “Timo heeft blauwe veters. Maar hij draagt ze altijd super strak. En hij knoopt ze dubbel, want hij struikelt anders.”

Lena legde de veter terug. “We moeten niet gokken. We vragen het gewoon.”

Ze liepen naar de gymzaal, waar meester Bram net ballen opruimde. Lena vroeg of ze even in de verloren-spullen-bak mocht kijken. Meester Bram knikte en zei dat ze voorzichtig moesten zijn.

De bak was een bonte berg: een handschoen, twee sokken die geen vrienden meer waren, een drinkbeker en een kleine haarclip. Noor tilde de spullen op alsof ze schatten zocht. Lena keek heel precies.

“Geen sterretje,” zei Noor na een minuut.

Lena zuchtte zacht. “Dan naar mogelijkheid twee: gevallen, maar niet hier.”

Ze liepen terug naar de gang. Daar stond een kar met schoonmaakspullen. Ernaast dweilde mevrouw Jansen de vloer. Ze floot een vrolijk deuntje.

Lena stapte netjes opzij. “Mevrouw Jansen, mag ik iets vragen? Heeft u misschien een klein zilveren sterretje gezien?”

Mevrouw Jansen stopte met dweilen. “Een sterretje? Vandaag heb ik wel iets glinsterends gezien.” Ze wees naar een klein plastic bakje op de kar. “Ik dacht dat het een knoop was. Ik leg vaak dingen apart.”

Noor's mond viel open van hoop.

Mevrouw Jansen opende het bakje. Er lag een zilverkleurig… paperclipje in de vorm van een ster. Heel leuk, maar niet het goede.

Samira keek teleurgesteld.

“Het is lief dat u het bewaarde,” zei Lena vriendelijk. Ze schreef: ster-paperclip gevonden, niet van Samira.

Noor tikte op Lena's speurboek. “Oké, dan mogelijkheid drie: iemand nam het per ongeluk mee. Wie zou dat kunnen zijn?”

Lena dacht aan de plattegrond van het planetarium. “Iemand die vanavond ook gaat. Bijna iedereen.”

Noor trok een grappig gezicht. “Dus… iedereen is verdacht?”

“Niet verdacht,” zei Lena. “Alleen… mogelijk.”

Ze gingen naar het plein, waar kinderen wachtten op hun ouders. Lena vroeg rustig rond, zonder iemand te laten schrikken. Noor deed haar best om niet te hard te praten.

“Heb jij per ongeluk een rood koordje met een sterretje gezien?” vroeg Lena aan Timo.

Timo schudde meteen zijn hoofd. “Nee. Maar ik zag wel iets roods bij de bankjes buiten de sporthal. Na gym waaide er van alles.”

Lena schreef: iets roods bij bankjes buiten sporthal. Dat was een echte aanwijzing.

Ze renden niet. Lena rende nooit bij een onderzoek. Maar ze liepen wel heel stevig.

Bij de bankjes lag een rood koordje… vastgeknoopt aan een rits van een jas die er overheen hing. En aan het koordje bungelde een sleutel. Geen sterretje.

Noor keek naar de jas. “Van wie is deze?”

Lena zag een naamlabel aan de binnenkant: “Mila – Groep 4.”

Mila zat ook in hun klas. Ze was altijd netjes, maar ze had ook de gewoonte om alles in haar zakken te proppen als ze haast had.

Lena keek naar het koordje. Het was rood, maar dikker dan Samira's koordje volgens Samira's beschrijving. Toch voelde het als een stap dichterbij.

“Laten we Mila vragen,” zei Lena. “Zonder beschuldigen. Alleen vragen.”

Ze vonden Mila bij de fietsen. Mila hield een folder vast van het planetarium en wiebelde van enthousiasme.

Lena vroeg rustig: “Mila, heb jij vandaag iets gevonden bij de sporthal? Misschien een klein zilveren sterretje?”

Mila keek verbaasd. “Ik vond wel iets… maar ik dacht dat het bij de speurtocht hoorde.” Ze frummelde in haar jaszak en haalde er een zilveren sterretje uit aan een dun rood koordje.

Samira hapte naar adem. “Dat is hem!”

Mila's wangen werden rood. “O nee… ik dacht echt dat iemand het had laten vallen als hint. Ik wilde het vanavond teruggeven bij het planetarium, want daar komt iedereen.”

Noor zuchtte zo hard dat het bijna een grap was. “Dus het sterretje ging al op reis naar de sterren.”

Lena glimlachte. “Dank je dat je het bewaarde. Het was een misverstand.”

Mila gaf het meteen aan Samira. Samira hield het sterretje vast alsof het warm was. Haar schouders zakten omlaag van opluchting.

“Zullen jullie vanavond samen speuren?” vroeg Lena. “Dan wordt het echt een team.”

Mila knikte enthousiast. “Ja! En ik zal voortaan eerst vragen.”

Samira knikte ook. “Ik ben niet boos. Ik ben gewoon blij.”

Lena schreef in haar speurboek: oplossing – per ongeluk meegenomen door Mila, wilde teruggeven.

Maar toen voelde Lena iets. Een detective-gevoel. Want waarom lag die plattegrond dan bij de kastjes? En waarom die kras bij het slot?

Noor zag Lena's blik. “Wat denk je?”

Lena zei zacht: “De zaak van het sterretje is opgelost. Maar… er is nog een klein raadsel. Wie liet die plattegrond vallen? En waarom precies bij de kastjes?”

Noor grijnsde. “Een bonusmysterie!”

Lena sloeg haar speurboek dicht. “Vanavond in het planetarium vinden we het antwoord.”

Hoofdstuk 3

's Avonds was het planetarium een beetje donker, maar niet eng. Er brandden kleine lampjes langs de vloer, alsof je een pad van vuurvliegjes volgde. De koepel bovenin wachtte als een enorme paraplu vol geheimen.

Lena en Noor kwamen samen met Samira en Mila aan. Iedereen praatte zacht, alsof de sterren konden luisteren.

Bij de ingang kreeg elke groep een kaart met opdrachten. Op de tafel stond ook een bak met potloden, een stapel stickers en een grote zandloper die langzaam leeg liep. Het voelde spannend, maar veilig. Een meester van het planetarium lachte vriendelijk en legde uit dat het een speurtocht was over planeten, manen en sterrenbeelden.

Lena keek meteen rond. Ze zag een prikbord met dezelfde soort plattegronden als die Noor had gevonden. Dus dat blaadje hoorde inderdaad bij de speurtocht.

Noor tikte Lena aan en fluisterde: “Dus iemand had de plattegrond al eerder. Misschien een helper.”

Lena knikte. Ze zag ook iets anders: bij een kapstok hing een sporttas. Aan de rits zat… een blauwe veter, precies zoals die op de grond bij de kastjes.

Ze schreef in haar hoofd: blauwe veter, sporttas, kapstok.

De eerste opdracht was makkelijk: zoek het sterrenbeeld dat lijkt op een grote pan. Noor wees meteen goed. Lena controleerde rustig. Samen plakten ze een sticker op hun kaart.

Bij de tweede opdracht moesten ze een raadsel oplossen over de maan. Samira las het hardop, Mila hield de zandloper in de gaten, Noor bedacht snel, en Lena schreef het antwoord netjes op. Het werkte fijn. Iedereen had iets.

Toen kwamen ze bij een kleine hoek waar een medewerker stond: meneer Daan. Hij droeg een trui met een raket erop en had een clipbord. Zijn pen zat achter zijn oor, alsof hij elk moment een groot geheim kon opschrijven.

Lena herkende hem. Meneer Daan was gisteren ook op school geweest om te vertellen over het planetarium.

Noor wees heel zacht naar zijn schoenen. “Blauwe veters.”

Lena keek. Inderdaad. Strak geknoopt. Dubbel. Precies zoals Timo dat deed, maar dit waren volwassen schoenen.

En toen zag Lena iets glinsteren aan het clipbord van meneer Daan: een paperclip in de vorm van een ster. Dezelfde als in het bakje van mevrouw Jansen.

Lena had ineens een helder beeld. De kras bij het slot. De plattegrond bij de kastjes. De ster-paperclip. De blauwe veter.

Ze trok Noor een beetje opzij, zodat het niet leek alsof ze geheimzinnig deden. “Ik denk dat meneer Daan vanmiddag de kastjes heeft gecontroleerd,” fluisterde Lena. “Misschien zocht hij iets voor vanavond, of hij kwam posters ophangen. Hij liet per ongeluk een plattegrond vallen. En zijn paperclip viel ook, maar mevrouw Jansen vond hem.”

Noor's ogen werden groot. “En de blauwe veter op de grond?”

“Kan van hem zijn,” zei Lena. “Misschien raakte hij iets, of knapte een veter, of hij struikelde bijna en liet hem vallen. De kras bij het slot kan ook van een sleutelbos zijn.”

Noor lachte zacht. “Dus het bonusmysterie is: een planetarium-man was stiekem al op school!”

“Niet stiekem,” verbeterde Lena. “Gewoon… voorbereidend.”

Ze stapten naar meneer Daan toen hij even geen kinderen hielp. Lena sprak rustig en beleefd, zoals altijd. “Meneer, mag ik iets vragen? Was u vanmiddag op school bij de sporthal?”

Meneer Daan keek verbaasd en toen moest hij lachen. “Ja! Ik kwam de speurtochtkaarten brengen. De conciërge zei dat ik ze bij de sporthal kon neerzetten. Maar ik was een beetje onhandig. Ik liet een stapel papieren vallen. En ik geloof dat mijn sleutelbos langs een kastje schuurde. Hebben jullie daar last van gehad?”

“Nooit,” zei Noor snel, iets te enthousiast.

Lena glimlachte. “We vonden een plattegrond bij de kastjes. En mevrouw Jansen vond een ster-paperclip.”

Meneer Daan tikte op zijn clipbord. “Die miste ik! Gelukkig is hij terug. En goed speurwerk, jullie twee. Jullie hebben echte detective-ogen.”

Noor fluisterde: “Detective-ogen en een beetje geluk.”

Samira hield haar sterretje omhoog. “En mijn geluksster is ook terug.”

Mila knikte. “Door samen te helpen.”

Meneer Daan gaf hun groep een extra sticker: een kleine gouden ster, “voor top-teamwerk”.

De laatste opdracht bracht hen onder de koepel. De lichten dimden, en boven hen verschenen sterren. Ze bewogen langzaam, alsof de hemel een groot verhaal vertelde. Noor zocht meteen de grote pan weer. Lena zocht naar de poolster. Samira wees een plek waar “haar” ster bijna zou kunnen hangen. Mila deed alsof ze een astronaut was, heel stil, met grote stappen die niemand hoorde.

Het was prachtig, en ook gewoon gezellig.

Toen de speurtocht klaar was, gingen ze naar het kleine caféhoekje van het planetarium. Er stonden mokken klaar en een pot met dampende chocolademelk. De geur was warm en zoet.

Lena kreeg haar mok en ging aan een tafel zitten. Noor blies voorzichtig, veel te hard, waardoor haar haar een beetje wapperde. Samira lachte. Mila roerde met een lepel en keek naar het sterretje om haar nek.

Lena opende haar speurboek nog één keer en schreef heel netjes:

ZAAK 12 – OPGELOST.

Het sterretje: per ongeluk meegenomen, teruggevonden.

Het bonusmysterie: plattegrond en paperclip door voorbereiding van meneer Daan.

Belangrijk: vragen stellen, rustig blijven, samen werken.

Noor tikte met haar mok tegen die van Lena. “Op onze detectiveclub.”

Lena tikte terug. “Op samen helpen.”

Ze dronken hun warme chocolademelk. Buiten was het donker, maar binnen voelde alles licht. En in Lena's speurboek stond, tussen de nette regels, een klein vlekje chocolade. Dat vond ze eigenlijk wel passen. Een zaak opgelost, met een beetje zoet erbij.

Zonder advertenties 3€ per maand

Wilt u ononderbroken lezen? Steun Oh My Tales, verwijder alle advertenties en geniet van andere inbegrepen voordelen vanaf 3€ per maand.

Bekijk de plannen en tarieven
Delen

rapporteer een probleem met dit verhaal

Wat vond je van dit verhaal?

Geef uw mening door een beoordeling te geven aan dit verhaal op basis van wat u en/of uw kind ervan vonden. Bij voorbaat dank!

Dank je wel! Uw beoordeling is in behandeling genomen!

De quiz: heb je het verhaal goed begrepen?

Notitieboekje
Een klein boekje om dingen in op te schrijven, zoals ideeën of onderzoek.
Elastiek
Een rekbaar bandje dat iets bij elkaar houdt, bijvoorbeeld om een boekje.
Paniek
Een heel bang en gehaast gevoel, je weet even niet wat je moet doen.
Prikbord
Een bord waar je briefjes met een punaise aan vastprikt om ze te laten zien.
Speurtocht
Een spel waarbij je aanwijzingen volgt om iets te vinden.
Planetarium
Een speciale zaal waar je sterren en planeten op een koepel ziet.
Geluksster
Een klein voorwerp dat iemand geluk brengt, zoals een hangertje.
Bibberstem
Een trillende stem omdat iemand zenuwachtig of bang is.
Kras
Een smal streepje of beschadiging op iets, vaak door iets scherps.
Verloren-spullen-bak
Een bak waar gevonden of vergeten spullen in worden bewaard.
Schoonmaakspullen
Spullen die je gebruikt om schoon te maken, zoals dweilen en zeem.
Plattegrond
Een tekening die laat zien waar dingen in een gebouw of op een plek staan.
Koepel
Een ronde, gewelfde dak; in het planetarium de grote halve bol boven je.
Zandloper
Een glasvat met zand dat naar beneden loopt om tijd te meten.
Sleutelbos
Een groep sleutels die aan elkaar vastzitten aan een ring.
Voorbereiding
Wat je doet om klaar te zijn voor een activiteit of een event.
Clipbord
Een plankje met een klem om papieren op te vast te houden.
Paperclip
Een klein metalen haakje om papieren tijdelijk aan elkaar te houden.

Creëer een magisch en uniek verhaal voor uw kind!

Creëer in slechts een paar minuten een gepersonaliseerd avontuur waarin uw kind de held wordt. Met onze exclusieve tool is het gemakkelijk, gratis en leuk!

Een verhaal creëren

Download dit verhaal:

Download dit verhaal als PDF Download het e-book (.epub)

Ontvang elke zondagavond nieuwe verhalen!

Ontvang 7 spannende en boeiende verhalen, afgestemd op de leeftijd en smaken van uw kind, elke zondag om 17:00*. Het is gratis en gegarandeerd zonder spam!
*E-mail verzonden om 17:00 uur Midden-Europese Tijd (CET).
We houden ook niet van spam. Daarom sturen we alleen verhalen. U kunt zich op elk gewenst moment afmelden.