Op een zonnige dag in het dorp was er een grote rode brandweerwagen. Brandweerman Joris zwaaide vrolijk naar de kinderen die langs het plein speelden. "Hallo allemaal!" riep hij, "Willen jullie een spelletje doen?"
De kinderen renden nieuwsgierig naar Joris toe. "Ja, wat voor spelletje?" vroeg kleine Anna met grote ogen. Joris lachte en zei: "We gaan een brandweerspel doen! Jullie kunnen leren hoe een echte brandweerman moet handelen."
Joris ging op zijn knieën zitten zodat hij op ooghoogte was met de kinderen. "Stel je voor dat we een vuur moeten blussen," zei hij. "Wat doen we eerst?" De kinderen keken elkaar aan. "Wij bellen de brandweer!" riep Timmy enthousiast.
"Precies!" zei Joris. "En daarna trekken we onze veiligheidskleding aan. Kijk, zoals deze helm." Joris zette een glimmende rode helm op zijn hoofd. "En wat denken jullie dat we daarna doen?"
"We pakken de brandslang!" riep Lisa, terwijl ze haar armen uitstrekte alsof ze een slang vasthield. Joris knikte goedkeurend. "Ja, en dan spuiten we het water op het vuur, zo!" Hij maakte een spuitend geluid en de kinderen lachten.
"Nu komt het leukste deel," zei Joris. "We gaan een echte brand blussen, maar alleen voor de lol!" Hij spoot zachtjes water uit een kleine tuinslang die hij had meegenomen. De kinderen deden alsof ze het water van hun eigen onzichtbare slangen spoten, giechelend en springend.
Toen het spelletje voorbij was, vroeg Joris: "Jullie hebben het allemaal heel goed gedaan. Wat is het belangrijkste dat jullie vandaag hebben geleerd?" De kinderen riepen in koor: "Samenwerken!"
Joris glimlachte breed. "Precies, samenwerken is heel belangrijk voor brandweermannen en -vrouwen. Samen kunnen we alles aan." Anna stapte naar voren en gaf Joris een knuffel. "Dank je, Joris. Nu ben ik niet meer bang voor brand."
Joris gaf Anna een zachte klop op haar schouder. "Je hoeft nooit bang te zijn, want wij zijn er altijd om te helpen."
De zon begon langzaam onder te gaan, en de kinderen zwaaiden Joris gedag terwijl ze naar huis gingen. Met een warm gevoel in hun hart dachten ze aan het spel en aan hoe ze samen echte brandweermensen waren geweest.