"Hallo, vriend!" zei de olifant, met zijn grote oren flapperend in de lucht. "Ik ben Ellie, de olifant. Wat ga jij vandaag doen?"
"Ik ga spelen!" zei de kleine muis, die onder een groot blad zat. "Wil je met mij spelen, Ellie?"
"Ja, dat klinkt leuk!" zei Ellie enthousiast. "Wat zullen we doen?"
"We kunnen verstoppertje spelen!" zei de muis met een glimlach. "Jij telt en ik verstop me!"
"Oké! Eén, twee, drie..." begon Ellie te tellen. Haar stem was diep en vrolijk. "Vier, vijf, zes..."
De muis kroop snel achter een grote boom. "Hihi, dit is een goede plek!" dacht de muis.
"Zeven, acht, negen, tien! Ik kom!" riep Ellie. Ze opende haar ogen en begon te zoeken.
"Hmm, waar is de muis?" vroeg Ellie, terwijl ze haar grote neus in de lucht stak.
De muis kon niet stoppen met lachen. "Ik ben hier!" riep hij.
Ellie keek naar de boom. "Ik zie je niet!"
"Ik ben achter de boom!" lachte de muis.
Ellie boog zich en zag de muis. "Haha! Ik heb je gevonden!" zei ze blij.
"Jij bent te groot om te spelen!" zei de muis met een glimlach.
"Misschien!" zei Ellie, terwijl ze haar oren schudde. "Maar ik ben de beste in verstoppertje!"
"Ja, dat ben je!" zei de muis.
Ze lachten samen en speelden de hele dag.