Hoofdstuk 1: Superheld op de Hoek
Op een zonnige ochtend stond Vera, beter bekend als Super V, midden op het kruispunt van de Zonnelaan en de Stoepstraat. Haar cape wapperde achter haar aan en haar felblauwe masker zat een beetje scheef op haar gezicht. Vera had superkrachten, maar die deden niet altijd precies wat zij wilde. Soms schoot ze omhoog als een raket terwijl ze gewoon haar veters wilde strikken. Soms probeerde ze iets op te tillen, maar tilde ze per ongeluk de hele stoep mee.
Vandaag was het heerlijk rustig op het kruispunt. Vera genoot juist van deze kalmte—tot ze ineens een luid gesis hoorde. Ze keek op. Een fietser met een enorme bos bloemen balanceerde op één wiel en kwam recht op haar af. Vera sprong opzij, maar vergat dat haar superkracht van ‘spring-zo-ver-je-kan' soms een beetje te goed werkte. Met een zwaai vloog ze tegen een lantaarnpaal en wikkelde zichzelf in haar eigen cape.
‘Alles onder controle!' riep ze vrolijk, terwijl ze zichzelf uit de knoop probeerde te halen. De fietser zwaaide naar haar en reed door, terwijl enkele bloemen op straat dwarrelden.
Hoofdstuk 2: De Mysterieuze Geluiden
Terwijl Vera haar cape rechttrok, hoorde ze ineens rare geluiden: “Biep! Boing! Pruttel!” Ze keek om zich heen. Aan de overkant stond een automaat voor hondenkoekjes, die opeens wild begon te schudden. Uit het apparaat schoten koekjes als een regenbui over het trottoir.
Een groepje honden rende blaffend op de koekjes af. Eén teckel gleed uit over een koekje en belandde met zijn neus in een plas. Vera wilde snel helpen. Ze rende naar de automaat, maar haar superkracht ‘snel-rennen' sloeg een beetje door: ze rende zó snel dat haar schoenen achterbleven bij de stoep en ze in haar sokken door het gras zwiepte.
‘Rustig aan, Vera!' lachte ze tegen zichzelf. Ze stopte en tilde de automaat op om hem uit te zetten—maar tilde per ongeluk ook het halve hekwerk van het park mee. Honden, koekjes, hek en Vera lagen even later in een vrolijke knoop op het gras. De honden likten haar gezicht. Vera giechelde en riep: ‘Samen uit, samen thuis, toch?'
Hoofdstuk 3: De Omgevallen IJscokar
Vera was nog niet bekomen van het hondenkoekjes-avontuur of er klonk een luide bonk. Aan de andere kant van het kruispunt lag de ijscokar van meneer Ploff op zijn kant. IJs drupte langzaam over de stoep. Meneer Ploff zwaaide wanhopig met zijn lepel: ‘Help! Mijn ijs smelt!'
Vera rende ernaartoe. ‘Geen paniek, meneer Ploff! Super V is hier!' Ze boog zich voorover, maar haar superkracht ‘ijs-bevriezen-met-een-blik' werkte alleen als ze niet scheel keek. Helaas, door de chaos en haar wiebelige masker keek ze nu juist enorm scheel. In plaats van het ijs te bevriezen, veranderde ze per ongeluk de verkeersborden in ijzige kunstwerken.
‘Eh... dat was niet helemaal de bedoeling,' grinnikte Vera. Samen met meneer Ploff probeerde ze de kar overeind te duwen. Maar haar kracht schoot weer door: de ijscokar vloog een halve meter de lucht in en landde precies rechtop. Het enige probleem? Meneer Ploff zat nu bovenop de kar!
‘Ik doe het liever samen, Super V!' riep hij van boven. Samen lachten ze en met een beetje teamwork kreeg Vera hem weer op de grond. Kinderen uit de buurt hielpen enthousiast mee de ijsschepjes te verzamelen. Binnen een paar minuten was alles weer in orde.
Hoofdstuk 4: De Dansende Dames op het Kruispunt
Nog helemaal vrolijk liep Vera terug naar het midden van het kruispunt. Daar stond ineens een groepje oma's in glimmende trainingspakken. Ze hadden allemaal een rollator met slingers en uit hun tas kwam harde discodreun. ‘Let's go, Vera!' riep oma Jet, ‘We doen de kruispunt-disco. Doe je mee?'
Vera knikte enthousiast. Ze probeerde een stoere dansmove met haar superkracht ‘zwaai-met-je-armen', maar zwaaide per ongeluk een verkeerslicht los. Het verkeerslicht belandde precies op het ritme van de muziek in de armen van oma Jet, die het gebruikte als discostaf.
De oma's dansten, zongen en lachten. Vera lachte mee. Maar plotseling kwam er een enorme windvlaag aan. Door haar superkracht ‘stuur-de-wind' waaide ze per ongeluk alle hoedjes van de oma's af. Samen renden ze achter de hoedjes aan. Toen ze eindelijk allemaal weer op ieders hoofd zaten, riepen de oma's: ‘Samen kunnen we alles, zelfs met wapperende hoedjes!'
Hoofdstuk 5: De Reuzen-High Five
Toen het eindelijk weer rustig was op het kruispunt, stonden ineens alle mensen die Vera vandaag had geholpen om haar heen: de fietser met de bloemen, meneer Ploff, de kinderen, de honden én de dansende oma's. Iemand riep: ‘Vera, je bent een held!'
Vera grijnsde en stak haar hand op voor een high five. Maar door haar superkracht ‘maak-alles-groots' groeide haar hand uit tot een reuzenhand. Iedereen lachte. ‘High five voor teamwork!' riep Vera. Alle mensen, honden, oma's en zelfs meneer Ploff sprongen omhoog en tikten met haar mee. Het gaf een knal van jewelste en iedereen werd bedolven onder confetti die uit Vera's mouw dwarrelde.
Met rode wangen keek Vera om zich heen. Samen was alles leuker—zelfs als het een beetje chaotisch ging. ‘Tot het volgende avontuur!' riep ze, knipogend naar de zon.