Verhaal van Politieagent
3/4 jaar
Interactief verhaal
Nora en de vriendelijke politie
Nora volgt een zachte, realistische avondshift met een politieagent en leert hoe de politie mensen helpt met luisteren, uitleggen en veilig houden.
In dit interactieve verhaal kies jij de volgende stap in elke fase: jouw beslissingen beïnvloeden de loop... en het einde van het avontuur!
Ontworpen voor 3–4 jaar: een eenvoudig, geruststellend verhaal geschikt voor kleuters.
De quiz: heb je het verhaal goed begrepen?
- Lantaarns
- Lichten langs de straat die 's avonds geven licht voor mensen.
- Zebrapad
- Witte strepen op de weg waar mensen veilig kunnen oversteken.
- Politieagent
- Iemand die mensen helpt en zorgt dat iedereen veilig is.
- Uniform
- Kleren die mensen dragen voor hun werk, zodat je ze herkent.
- Naamplaatje
- Een klein plaatje met iemands naam op de jas of kraag.
- Stoplicht
- Een licht met rood, geel en groen dat zegt wanneer je moet stoppen of lopen.
- Preventie
- Dingen doen zodat er geen ongelukken of problemen gebeuren.
- Portemonnee
- Een klein tasje voor geld en kaarten, dat je vaak in je zak houdt.
- Noodknop
- Een knop die je drukt als er snel hulp nodig is.
- Bemiddelen
- Tussen twee mensen praten om samen een oplossing te vinden.
- Notitieblokje
- Een klein schriftje om snel dingen op te schrijven.
- Bakfiets
- Een fiets met een grote bak voorop om spullen of kinderen te vervoeren.
- Fietslampjes
- Lichtjes voor en achter op een fiets zodat anderen je zien.
- Gordel
- Een riem in de auto die je vastmaakt om veilig te zitten.
- 112
- Het telefoonnummer dat je belt als er heel snel hulp nodig is.
- Stap voor stap
- Iets rustig en één ding tegelijk doen, niet alles tegelijk.