Hoofdstuk 1: De School Verkennen
Luca is een kleine jongen van vier jaar. Hij is een beetje zenuwachtig. De school begint over een paar dagen. “Mama, ga ik naar school?” vraagt hij met grote ogen.
“Ja, lieverd,” zegt mama met een glimlach. “Vandaag gaan we de school bekijken. Dan voel je je beter.”
Luca knikt. “Oké, ik wil de school zien!”
Samen lopen ze naar de school. De zon schijnt en de vogels fluiten. Luca kijkt om zich heen. “Kijk, mama! Een grote speelplaats!”
“Ja, die is fijn,” zegt mama. “Daar kun je spelen met je nieuwe vriendjes.”
“Nieuwe vriendjes?” vraagt Luca. “Gaan zij leuk zijn?”
“Zeker weten! Iedereen is blij om nieuwe vrienden te maken,” zegt mama.
Luca voelt zich al een beetje beter. Ze lopen de school binnen. “Wauw, kijk naar al die kleuren!” zegt hij. De muren zijn blauw, geel en groen. Er zijn tekeningen overal.
“Ja, het is mooi hier,” zegt mama. “Dit is jouw klaslokaal.”
Luca kijkt naar de klas. “Wat is dat?” vraagt hij en wijst naar een grote tafel vol met kleurpotloden en papier.
“Dat is de knutseltafel. Daar kun je tekenen en knutselen,” legt mama uit.
“Kan ik daar ook tekenen?” vraagt Luca nieuwsgierig.
“Ja, je kunt zoveel tekenen als je wilt!” zegt mama.
Luca lacht. “Ik ga kleuren! Ik ga schilderen!”
Hoofdstuk 2: Voorbereidingen voor de Eerste Dag
Thuis zijn ze druk bezig met de voorbereidingen. “Mama, wat heb ik nodig voor school?” vraagt Luca.
“Je hebt een nieuwe rugzak, schriften en potloden nodig,” zegt mama terwijl ze de spullen op een tafel legt.
“Mag ik een blauwe rugzak?” vraagt Luca.
“Ja, natuurlijk! Blauw is een mooie kleur,” zegt mama terwijl ze de rugzak laat zien.
Luca glimlacht. “En ik wil een grote doos met kleurpotloden!”
“Dat kan ook. We maken het leuk voor je eerste schooldag!” zegt mama.
Luca helpt mee. Ze vullen de rugzak met schriften en potloden. “Kijk, mama! Mijn rugzak is vol!” roept hij blij.
“Het ziet er fantastisch uit, Luca!” zegt mama trots.
“Wat gaan we doen op de eerste dag?” vraagt Luca.
“Je gaat nieuwe vrienden maken en spelen! En je gaat leren,” zegt mama.
“Wat gaan we leren?” vraagt Luca nieuwsgierig.
“Je leert letters, cijfers, en misschien ook liedjes!” zegt mama.
“Liedjes! Ik hou van liedjes!” zegt Luca blij.
Hoofdstuk 3: De Eerste Schooldag
De grote dag is eindelijk gekomen. Luca staat vroeg op. “Mama, is het tijd voor school?” vraagt hij met een grote glimlach.
“Ja, het is tijd! Ben je klaar?” vraagt mama.
“Bijna! Ik moet mijn schoenen aantrekken,” zegt Luca terwijl hij zijn schoenen aantrekt.
In de klas zijn er veel kinderen. Luca is een beetje nerveus. “Mama, kijk! Zijn dat mijn nieuwe vriendjes?” vraagt hij.
“Ja, ga maar spelen,” zegt mama.
Luca gaat naar een jongen met een rode shirt. “Hoi, ik ben Luca!” zegt hij.
“Hoi, ik ben Tom!” zegt de jongen. “Laten we samen spelen!”
Luca en Tom spelen met blokken en bouwen een toren. “Kijk, hoe hoog is onze toren?” vraagt Tom.
“Heel hoog!” zegt Luca lachend.
De dag gaat voorbij en Luca voelt zich blij. “Mama, school is leuk!” roept hij als hij naar huis gaat.
“Dat is geweldig, Luca! Je hebt het goed gedaan,” zegt mama.
Luca kijkt naar zijn rugzak. “Ik wil morgen weer naar school!” zegt hij enthousiast.
“Dat is de geest, Luca! Elke dag is een nieuw avontuur,” zegt mama met een glimlach.
Luca knikt. “Ja, elke dag!”