Bezig met laden...
Verhaal over tolerantie 7/8 jaar Lezen 19 min.

Het park-liedje van Linde en Zalo

Eekhoorn Linde ontmoet het nieuwe dier Zalo en samen met andere parkdieren leren ze het rustige spel Kora-Kora, waarbij ze elkaar met blij-woorden beter leren kennen.

Download dit verhaal als PDF

Ideaal om dit verhaal te delen of af te drukken!

Download het e-book (.epub)

Lees dit verhaal op uw e-reader.

Hoofdpersonage: een kleine roodbruine eekhoorn met glanzende vacht, opgerolde staart en zachte ogen, zittend op een tak bij een stenen tafel en een grote dennenappel tussen haar pootjes houdend; Bijpersonages: Zalo, een langharig gestreept dier (soort kleine das/woestijnkat), crème- en donkerbruin, verlegen glimlachend en een gevlochten grasbal over de tafel duwend; een mollige grijswitte duif met parelmoerveren op de tafelkant, klaar om de bal met haar snavel te raken; een klein bruin egeltje met zachte stekels en schuchtere ogen, bij de grond dat de bal langzaam met zijn snuit duwt; twee à drie ronde bruine musjes op de gladde steenstoelen, nieuwsgierig en fluisterend; Locatie: park bij schemering met lichtgekleurde schelpengrond, grote kastanjebomen met oranje blad, een glinsterende vijver links, ronde stenen tafel en gladde keien als zitjes, warme zachte lichtval tussen de takken; Situatie: gezellig samenzijn rond het spel "Kora-Kora", de grasbal rolt langzaam over de steen, elk dier zegt een vrolijk woord, serene tolerante sfeer, compositie gecentreerd op de tafel, vriendelijke uitdrukkingen, warme kleuren (oker, bruin, zachte groentinten), zachte contrasten, kinderlijke manga-stijl met duidelijke lijnen en gedetailleerde vacht- en schorstexturen. meld een probleem met deze afbeelding

Hoofdstuk 1: Linde in het Park

Linde was een kleine roodbruine eekhoorn met een rustige staart die bijna altijd netjes gekruld lag. Ze hield van gewone, fijne dagen. Elke ochtend liep ze hetzelfde rondje door het park: langs de vijver, over het schelpenpad, en dan naar de grote kastanjeboom waar de wind zacht door de bladeren fluisterde.

Vandaag voelde de lucht extra mild, alsof de zon haar jas niet eens nodig had. Linde droeg een dennenappel in haar pootjes, gewoon omdat ze het prettig vond iets vast te houden. Ze ging op haar vaste tak zitten, haar “denktak”, en keek naar de grasvelden.

In het park woonden veel dieren. Er waren mussen die altijd haast leken te hebben, en een dikke duif die heel vriendelijk knikte naar iedereen. Soms kwam er een egeltje langs dat langzaam liep, maar nooit klaagde.

Linde zuchtte tevreden. “Rustig aan,” zei ze zacht tegen zichzelf. Dat was haar favoriete zin.

Toen zag ze iets nieuws bij de speelplek: een klein rond tafeltje van platte stenen, met daaromheen een paar gladde keien alsof het stoeltjes waren. Linde had dat tafeltje nog nooit eerder gezien. Ze kneep haar ogen een beetje samen.

Bij het tafeltje zat een dier dat ze niet kende. Het had een lange, zachte vacht met lichte en donkere strepen, en het rolde een kleine bal van gevlochten gras tussen zijn pootjes. Hij keek op en glimlachte.

“Hallo,” zei het dier vriendelijk.

Linde klom rustig naar beneden, stapje voor stapje, en bleef op een veilige afstand staan. “Hallo. Ik ben Linde. Ik woon in de kastanjeboom.”

“Ik heet Zalo,” zei het dier. “Ik woon hier pas. In de holle boomstronk bij het bruggetje.”

Linde knikte. “Welkom in het park.”

Zalo keek naar haar dennenappel. “Mooie dennenappel. Ruikt lekker.”

“Dank je,” zei Linde. “Ik verzamel ze graag. Het is… gezellig.”

Zalo lachte zacht. “Gezellig. Dat is een mooi woord.”

Linde keek naar de bal in Zalo's pootjes. “Wat is dat?”

“Dit is een bal voor een spel uit het land waar ik vandaan kom,” zei Zalo. “Het heet ‘Kora-Kora'.”

Linde kantelde haar hoofd. “Kora-Kora? Klinkt als iets dat je zingt.”

“Bijna,” zei Zalo. “Je speelt het met een liedje erbij. Wil je het leren?”

Linde voelde een klein kriebeltje in haar buik. Ze vond nieuwe dingen spannend, maar ze was ook nieuwsgierig. Ze ademde rustig in en uit, zoals ze altijd deed als ze iets nieuws probeerde.

“Ja,” zei ze. “Als je het rustig uitlegt.”

“Rustig is perfect,” zei Zalo. “Dat past bij jou, denk ik.”

Linde glimlachte. “Misschien wel.”

Samen gingen ze bij het stenen tafeltje zitten. De zon maakte warme vlekken op de grond, en ergens ritselde een blaadje alsof het ook wilde meedoen.

Hoofdstuk 2: Het Spel Kora-Kora

Zalo legde de bal op de steen in het midden. Het was een klein rond ding, niet te zwaar, en het rook naar vers gras. Hij tikte er zacht tegenaan met één poot.

“Luister,” zei Zalo. “Kora-Kora is een spel waarbij je om de beurt de bal doorgeeft. Maar je mag hem niet zomaar gooien. Je rolt hem met één poot over de tafel, en de ander stopt hem met twee pootjes tegelijk.”

Linde keek aandachtig. “Met twee pootjes tegelijk… zoals een klap, maar dan zacht?”

“Precies,” zei Zalo. “En dan zeg je een woord dat je blij maakt. Zo leer je elkaar kennen.”

Linde dacht even na. “Een woord dat me blij maakt… ‘noten'.”

Zalo knikte goedkeurend. “Perfect. Ik begin.”

Hij rolde de bal langzaam naar Linde toe. De bal maakte een zacht schurend geluid over de steen. Linde zette haar pootjes klaar en stopte de bal netjes met twee pootjes tegelijk.

“Noten,” zei ze, en ze moest een beetje lachen.

“Goed!” zei Zalo. “Nu rol jij hem naar mij en zeg ik mijn woord.”

Linde rolde de bal terug, net zo rustig als Zalo had gedaan. Zalo stopte hem met twee pootjes en zei: “Regen.”

“Regen?” vroeg Linde. “Dat is toch nat?”

Zalo glimlachte. “Ja, maar regen ruikt lekker. En hij maakt alles fris. In mijn oude thuisland regende het vaak. Dan luisterden we naar druppels op bladeren.”

Linde vond dat mooi. “Ik luister graag naar wind in de kastanjeboom. Dus ik snap het.”

Ze speelden nog een paar rondes.

“Takjes,” zei Linde.

“Warmte,” zei Zalo.

“Dennennaalden,” zei Linde.

“Vrienden,” zei Zalo, en toen keek hij even naar haar alsof hij iets belangrijks bedoelde.

Linde voelde haar wangen warm worden onder haar vacht. “Vrienden is ook een fijn woord,” zei ze zacht.

Na een tijdje kwam de dikke duif aangewandeld, de duif die altijd vriendelijk knikte. Hij bleef staan en keek naar het spel.

“Koer,” zei de duif, wat bij hem vaak “hallo” betekende.

“Hallo!” riep Zalo. “Wil je meedoen?”

De duif keek naar de bal alsof hij zich afvroeg of het eetbaar was. Linde zei geruststellend: “Het is een spel. Je hoeft het niet op te eten.”

De duif knikte langzaam. “Koer… spel.”

Zalo legde het nog eens uit, heel rustig. De duif stapte dichterbij en zette zijn vleugels een beetje open, alsof hij ook twee pootjes tegelijk wilde gebruiken, maar dan met vleugels.

“Je mag ook stoppen met vleugels,” zei Zalo. “Als dat beter past.”

De duif keek opgelucht. “Koer.”

De duif rolde de bal met zijn snavel een klein stukje. Het ging niet heel recht, maar de bal kwam toch bij Linde. Linde stopte hem netjes.

“Mijn woord is… broodkruimels,” zei de duif plechtig.

Linde proestte het uit. “Dat is een heerlijk woord.”

Zalo lachte mee. “Zie je? Iedereen heeft andere woorden. Dat is juist leuk.”

Toen kwam het egeltje langzaam dichterbij. Hij keek naar de steen, naar de bal, en naar het groepje.

“Mag ik… ook?” vroeg het egeltje zacht.

“Natuurlijk,” zei Linde meteen. “Je mag het op jouw manier doen.”

Het egeltje keek naar zijn korte pootjes. “Ik kan niet zo snel rollen.”

Zalo schudde zijn kop. “Snel hoeft niet. Kora-Kora is rustig. Je rolt zo langzaam als je wilt.”

Het egeltje glimlachte. “Dan durf ik wel.”

Hij duwde de bal heel voorzichtig met zijn neus. Het was het langzaamste rolletje ooit, maar niemand lachte hem uit. Linde keek juist extra aandachtig, alsof het een belangrijke rol was.

Toen de bal eindelijk bij Zalo kwam, stopte Zalo hem netjes. “Mooi,” zei hij. “En jouw woord?”

Het egeltje dacht even na. “Onder-bladeren.”

“Onder-bladeren?” vroeg de duif.

“Ja,” zei het egeltje. “Daar is het rustig. En veilig.”

Linde knikte. “Dat klinkt prettig.”

Ze speelden zo samen, met rollen en stoppen en woorden. De bal ging rond als een klein zonnetje van gras. En elke ronde klonk er iets anders: broodkruimels, regen, noten, onder-bladeren. Linde merkte dat ze meer glimlachte dan normaal.

Toch voelde ze, heel even, een kleine twijfel. Ze keek naar Zalo's strepen en dacht: hij ziet er anders uit dan iedereen hier. Hij doet dingen anders. Hij gebruikt andere woorden.

Maar toen keek ze naar het egeltje, dat langzaam was. En naar de duif, die met zijn snavel rolde. En naar zichzelf, die graag rustig deed. Iedereen deed het op zijn eigen manier.

Linde schoof de dennenappel dichter naar zich toe en voelde zich warm vanbinnen.

Hoofdstuk 3: Een Misverstand en Een Idee

De volgende dag wilde Linde weer spelen. Ze was vroeg bij het stenen tafeltje. Ze had zelfs twee extra dennenappels meegenomen, voor het geval iemand honger kreeg na het spelen.

Maar toen ze aankwam, zag ze dat er een groepje mussen op het tafeltje zat. Ze pikten nieuwsgierig naar de grasbal.

“Dit is vast een nieuwe snack!” tjilpte een mus.

“Pas op,” zei een andere mus. “Het ziet er raar uit. Misschien is het van iemand die niet van hier is.”

Linde klom rustig naar beneden. Ze voelde haar staart een beetje trillen, maar ze bleef kalm. “Hallo mussen,” zei ze vriendelijk. “Dat is geen snack. Dat is een bal voor een spel.”

De mussen keken haar aan. “Een spel? Wij spelen ook. We spelen ‘Wie het eerst bij de fontein is!'”

“Dat klinkt leuk,” zei Linde. “Dit spel is anders. Het heet Kora-Kora.”

Net op dat moment kwam Zalo eraan. Hij hoorde het woord “raar” en bleef even staan. Zijn oren zakten een beetje.

Linde zag het en voelde meteen dat ze iets moest doen. Ze wilde niet dat Zalo zich klein voelde in het grote park.

Zalo stapte toch naar voren en zei zacht: “Hoi.”

De mussen fluisterden onder elkaar. “Hij praat anders.”

“En hij heeft strepen.”

Zalo keek naar de grond. Linde zette een stapje naar hem toe, niet te dicht, maar dichtbij genoeg om te laten zien: ik sta bij jou.

“Weet je,” zei Linde rustig tegen de mussen, “in het park zijn we allemaal een beetje anders. De duif rolt met zijn snavel. Het egeltje rolt met zijn neus. Ik stop de bal met mijn pootjes. Dat maakt het spel juist grappig.”

Een mus schudde zijn kop. “Maar waarom heet het Kora-Kora?”

Zalo keek op, alsof hij een kans kreeg. “Omdat we bij ons thuis een kort liedje zongen: ‘Ko-ra, ko-ra, rol maar door.' Het helpt om rustig te blijven en om te wachten op je beurt.”

“Wachten op je beurt,” zei een mus, alsof dat een spannend nieuw idee was.

Linde glimlachte. “Ja. En iedereen zegt een blij-woord. Dat is ook fijn.”

De mussen gingen wat rechter zitten. “Blij-woorden?”

“Ja,” zei Zalo. “Wil je het proberen? Je hoeft niets perfect te doen.”

Een mus sprong op de steen. “Ik wil wel. Mijn blij-woord is… ‘plons'!”

De andere mussen lachten. “Plons is leuk!”

Linde rolde de bal zacht naar de mus. De mus stopte hem met twee pootjes, maar zijn pootjes waren klein en hij stuiterde bijna mee. De bal schoot een beetje door en rolde van de tafel af.

Oei.

De bal rolde het schelpenpad op en bleef liggen. Het was geen gevaar, maar iedereen keek ernaar alsof de bal heel ver weg was, terwijl hij eigenlijk maar een paar vleugelslagen verder lag.

De mussen schrokken. “Nu is het stuk!”

Zalo schudde snel zijn kop. “Nee hoor,” zei hij geruststellend. “Hij kan wel tegen een rolletje. Kijk maar.”

Linde liep rustig naar de bal en bracht hem terug. “Zie je? Helemaal goed.”

Het egeltje kwam ook aanschuifelen. “Als dingen wegrollen, kun je ze weer ophalen,” zei hij wijs. “Dat doe ik vaak met blaadjes.”

De duif knikte. “Koer. Ophalen.”

De mussen werden rood onder hun veertjes. “Sorry,” zei de mus met het woord ‘plons'. “We dachten even… dat het fout was.”

“Fouten zijn oké,” zei Linde. “Zolang we vriendelijk blijven.”

Zalo ademde zichtbaar uit. “Dank je,” zei hij tegen Linde.

Linde knikte. “Graag. Zullen we iets extra's doen?”

“Wat dan?” vroegen de mussen nieuwsgierig.

Linde keek naar het stenen tafeltje en kreeg een idee. “We kunnen een ‘Blij-Woorden-kring' maken. Iedereen mag één woord zeggen dat blij maakt, en we schrijven het… eh… we kunnen het onthouden. En later zeggen we ze allemaal achter elkaar, als een rijmpje.

De duif tilde zijn borst op. “Koer. Ik onthoud goed.”

Het egeltje knikte langzaam. “Ik ook. Ik onthoud vooral rustige woorden.”

Zalo glimlachte breed. “Dat is prachtig. Dan maken we ons eigen park-liedje. Met woorden van iedereen.”

De mussen tjilpten enthousiast. “Ja!”

En zo gebeurde het: ze speelden Kora-Kora, en na elke ronde herhaalden ze de woorden. Linde voelde hoe de verschillen niet groter werden, maar juist kleiner, alsof ze allemaal samen in één warm nest pasten.

Hoofdstuk 4: Het Park-Liedje en een Zachte Avond

Een paar dagen later was het park stiller dan anders. De zon stond laag en kleurde de wolken licht oranje. Linde kwam naar het stenen tafeltje met een rustig hart. Ze vond het een fijne tijd van de dag, wanneer alles zachter leek: de wind, de stemmen, zelfs de stappen op het pad.

Zalo zat al te wachten met de grasbal. Naast hem zat het egeltje, dat tevreden naar de grond keek. De duif stond er ook, en een paar mussen hopten rond, dit keer zonder te fluisteren.

“Zullen we ons park-liedje doen?” vroeg Zalo.

“Ja,” zei Linde. “Maar laten we beginnen met het spel, dan komt het liedje vanzelf.”

Ze speelden Kora-Kora. De bal rolde rustig, stopte zacht, en ging weer door. Elke keer zei iemand een blij-woord, en iedereen luisterde alsof het een cadeautje was.

Linde zei: “Kastanjes.”

Zalo zei: “Regen.”

Het egeltje zei: “Onder-bladeren.”

De duif zei: “Broodkruimels.”

Een mus zei: “Plons.”

Een andere mus zei: “Zon-streepjes,” en keek daarbij even naar Zalo's vacht.

Zalo knipperde verrast. “Zon-streepjes?”

“Ja,” zei de mus. “Je strepen lijken op zonlicht door takken. Dat is eigenlijk mooi.”

Zalo's glimlach werd klein en warm. “Dank je,” zei hij.

Linde voelde iets zachts in haar borst, alsof er een veertje landde. Ze dacht: zo kan het dus ook. Eerst lijkt iets anders vreemd, en dan wordt het gewoon… onderdeel van het park.

Na een paar rondes legden ze de bal in het midden. Zalo keek rond. “Oké. Nu het park-liedje. We zeggen de woorden achter elkaar. En aan het eind zeggen we allemaal: ‘Samen is fijn.'”

Iedereen knikte.

Zalo begon rustig te zingen, heel zacht, zodat niemand hoefde te schrikken:

“Ko-ra, ko-ra, rol maar door…”

En toen kwamen de woorden, één voor één, alsof ze op een rij gingen zitten:

“Kastanjes, regen, onder-bladeren, broodkruimels, plons, noten, takjes, warmte, vrienden, zon-streepjes…”

Linde sprak mee. Het was niet perfect gelijk, maar dat hoefde niet. Soms praatte de duif iets eerder, soms de mussen iets later. Het egeltje zei zijn woord heel zacht, maar Linde hoorde het toch.

En toen, samen, zei iedereen:

“Samen is fijn.”

Even was het stil. Niet een lege stilte, maar een volle stilte, alsof het park zelf luisterde en tevreden was.

De mussen hupsten dichterbij. “Mogen we morgen weer?” vroegen ze.

“Ja,” zei Linde. “Als het rustig past.”

Zalo lachte. “Rustig past altijd.”

De duif knikte plechtig. “Koer. Altijd.”

Het egeltje gaapte. “Ik word al een beetje slaperig van dit spel. Op een goede manier.”

Linde keek naar de lucht. De avond kwam eraan, zacht als een deken. “Ik ook,” zei ze. “Maar eerst nog één ding.”

Ze pakte haar twee extra dennenappels en legde ze op de rand van het stenen tafeltje. “Voor wie wil. Delen mag.”

Zalo rook eraan. “Mmm. Dat ruikt naar thuis, op een andere manier.”

“Thuis kan veel smaken hebben,” zei Linde.

Zalo knikte. “En als je het deelt, wordt het groter.”

Ze zaten nog even samen, zonder te praten. De duif poetste zijn veren. De mussen fluisterden nu vrolijk. Het egeltje wiebelde langzaam heen en weer, bijna in slaap. Linde voelde zich veilig en rustig, precies zoals ze het fijn vond.

Toen stond ze op. “Ik ga naar mijn kastanjeboom,” zei ze. “Welterusten, allemaal.”

“Welterusten, Linde,” zei Zalo.

“Welterusten,” tjilpten de mussen.

“Koer,” zei de duif zacht.

“Welterusten,” mompelde het egeltje slaperig.

Linde klom rustig omhoog, tak voor tak. Boven in haar boom keek ze nog één keer naar beneden. Het stenen tafeltje lag in het schemerlicht. De grasbal lag netjes in het midden, alsof hij ook ging slapen.

Linde legde haar dennenappel naast zich, krulde haar staart om haar heen, en dacht aan het park-liedje. Aan woorden die anders waren, maar toch bij elkaar pasten. Aan strepen die op zonlicht leken. Aan wachten op je beurt. Aan rustig uitleggen.

Ze sloot haar ogen en fluisterde heel zacht, zodat alleen de bladeren het konden horen:

“Samen is fijn.”

En met dat warme idee viel ze rustig in slaap.

Zonder advertenties 3€ per maand

Wilt u ononderbroken lezen? Steun Oh My Tales, verwijder alle advertenties en geniet van andere inbegrepen voordelen vanaf 3€ per maand.

Bekijk de plannen en tarieven
Delen

rapporteer een probleem met dit verhaal

Wat vond je van dit verhaal?

Geef uw mening door een beoordeling te geven aan dit verhaal op basis van wat u en/of uw kind ervan vonden. Bij voorbaat dank!

Dank je wel! Uw beoordeling is in behandeling genomen!

De quiz: heb je het verhaal goed begrepen?

Schelpenpad
Een pad waar veel stukjes schelp in de grond liggen, zodat het knispert onder je pootjes.
Holle boomstronk
Een lege, holle onderkant van een omgevallen of dikke boom waar dieren zich kunnen verstoppen.
Dennenappel
Een harde vrucht van een dennenboom, vaak met schubben waarin zaden zitten.
Kriebeltje
Een klein, licht gevoel in je buik als je iets spannend of leuk vindt.
Plechtig
Iets zeggen of doen op een serieuze en waardige manier, niet speels.
Vacht
De haren van een dier die zijn lichaam warm en zacht houden.
Rijmpje
Een kort, ritmisch versje dat vaak rijmende woorden gebruikt en makkelijk te onthouden is.
Schemerlicht
Het zachte licht in de lucht vlak voor het donker wordt, niet fel en een beetje warm.

Creëer een magisch en uniek verhaal voor uw kind!

Creëer in slechts een paar minuten een gepersonaliseerd avontuur waarin uw kind de held wordt. Met onze exclusieve tool is het gemakkelijk, gratis en leuk!

Een verhaal creëren

Onderwerpen gerelateerd aan dit verhaal:

vriendschap delen park eekhoorn samen spelen geduld

Download dit verhaal:

Download dit verhaal als PDF Download het e-book (.epub)

Ontvang elke zondagavond nieuwe verhalen!

Ontvang 7 spannende en boeiende verhalen, afgestemd op de leeftijd en smaken van uw kind, elke zondag om 17:00*. Het is gratis en gegarandeerd zonder spam!
*E-mail verzonden om 17:00 uur Midden-Europese Tijd (CET).
We houden ook niet van spam. Daarom sturen we alleen verhalen. U kunt zich op elk gewenst moment afmelden.