Bezig met laden...
Verhaal van grappig wezen 5/6 jaar Lezen 15 min.

De parade van de Glinsterbaai en het verdwaalde waterdraakje

Mira organiseert een kleurrijke onderwaterparade waar allerlei zeewezens én een verdwaald waterdraakje aan meedoen. Tijdens de voorbereidingen ontdekken ze hoe verschillen en samenwerken het feest bijzonder maken.

Download dit verhaal als PDF

Ideaal om dit verhaal te delen of af te drukken!

Download het e-book (.epub)

Lees dit verhaal op uw e-reader.

De zeemeermin Mira, vrolijk en goedhartig met algengroen haar en een turquoisegouden staart, steekt de hand uit naar de verlegen watdragon Nieuw met parelmoer schubben en violette vinnen die zijn klauw in haar hand legt; krab Klaas, grappig en trots met scheef hoedje, slaat op een grote trommel op de voorgrond rechts, Octo de geordende inktvis met acht gekleurde tentakels houdt een lijstbordje en helpt een lange slinger vast te houden achter Mira, Flos de lichtgevende kwal zweeft erboven als zachte lantaarn, en een bedauwde rog met schelpenkrans glijdt links, alles bij de regenboogbron met kristalhelder water dat roze, geel, blauw en groen weerspiegelt, glinsterende koraalrotsen en bubbels; centraal moment: warme verwelkoming en de handdruk tussen Mira en Nieuw, heldere kleuren en opvallende verftexturen. meld een probleem met deze afbeelding

1. De Parade-Plan

Op de bodem van de Glinsterbaai woonde Mira de zeemeermin. Ze had haar haren zo groen als zeewier en een staart die glom alsof iemand er sterrenstof overheen had gestrooid. Vandaag zwom ze niet zomaar rond. Nee, vandaag was een “grote-idee-dag”.

Mira klapte in haar handen. Plof-plof! Er kwamen alleen bubbels uit, maar dat telde ook als applaus.

“Ik ga een parade organiseren!” riep ze.

Een krab met een scheve hoed—Klaas—stak zijn schaar omhoog. “Een… pa-ra-de? Is dat iets dat je kunt eten?”

“Nee!” lachte Mira. “Het is een feestelijke optocht. Met muziek, versieringen en iedereen die mee mag doen.”

“Zelfs ik?” vroeg Klaas. “Ik loop een beetje… zijwaarts.”

“Juist jij!” zei Mira. “Zijwaarts is extra stijlvol.”

Mira zwom naar haar favoriete plek: een oud scheepswrak dat dienst deed als buurtcentrum. Er hing een bordje boven de deur: Welkom! Niet duwen, wel glimlachen. Het bordje was ooit recht, maar het wrak vond schuin blijkbaar gezelliger.

Binnen zat Octo, de octopus, op een stoel met acht poten tegelijk. Hij hield een lijstje vast en een extra lijstje, en nog een lijstje.

“Mira!” zei Octo. “Heb je een afspraak? Ik kan je inplannen over… drie weken en twee dagen.”

“Het is dringend,” zei Mira. “Ik wil een parade. Vandaag nog!”

Octo's ogen werden groot. “Vandaag? Dan hebben we… eh… precies nul dagen voorbereiding. Dat is mijn favoriete soort chaos.”

Mira rolde een grote zeekaart uit over een ton. “De parade begint bij het Koraalkasteel, dan langs de Zingende Schelpenstraat, en eindigt bij de Regenboogbron.”

Klaas tikte met zijn schaar op de kaart. “En waar is de snackpauze?”

“Overal,” zei Mira. “We strooien zeewierslierten. Die lijken op slingers, maar als je honger krijgt… kun je eraan knabbelen.”

Octo knikte serieus. “Briljant. Dubbele functie. Ik hou van dingen met dubbele functie. Zoals sokken. Al heb ik geen voeten.”

Mira zwom de deur uit en riep in de straat: “Parade! Iedereen mag mee!”

Er stak een klein zeepaardje zijn hoofd uit een schelp. “Ook als ik nog niet zo hard kan zwemmen?”

“Dan zwemmen we langzaam,” zei Mira.

Een dikke rog met een chagrijnig gezicht bromde: “Ik ben niet goed in vrolijk doen.”

“Dan doe je gewoon je eigen gezicht,” zei Mira. “Dat is ook welkom.”

Zelfs een verlegen kwal, Flos, wiebelde dichterbij. Hij lichtte zachtjes op, alsof hij per ongeluk een nachtlampje was.

“Ik… ik ben een beetje… prikkelbaar,” fluisterde Flos.

“Perfect,” zei Mira. “Dan ben jij onze discobal. Met voorzichtigheidsafstand.”

Flos glimlachte zo breed als een kwal kan glimlachen: vooral met zijn hele lijf.

2. Slippers, Slingers en Een Verdwaalde Draak

De hele Glinsterbaai kwam in beweging. Overal werden versieringen verzameld. Zeesterren werden als glitters op rotsen geplakt. Zee-egels mochten niet meedoen met plakken; die waren meer van het “oeps, au!”-team.

Mira had een grote taak: muziek. Ze wilde een band.

“Wie kan zingen?” riep ze.

De Zingende Schelpen in de straat begonnen meteen te hummen. Dat was hun hobby: zingen als er iemand langs zwom. Soms zongen ze ook als er niemand langs zwom, gewoon omdat stilte hen zenuwachtig maakte.

“Oké,” zei Mira. “Schelpenkoor, jullie doen het refrein!”

Klaas kwam aanzetten met iets dat leek op een trommel, maar eigenlijk een omgekeerde emmer was.

“Waar heb je dat vandaan?” vroeg Mira.

Klaas keek trots. “Uit het scheepswrak. Er stond op: ‘Niet gebruiken'. Dus ik dacht: dat is vast precies voor een parade.”

Octo hield ondertussen acht linten vast tegelijk en knoopte ze aan elkaar tot één enorme slinger. Hij was zo geconcentreerd dat hij per ongeluk ook zijn eigen tentakel in een strik legde.

“Mmmf!” zei Octo.

“Octo, je zit vast,” zei Mira.

Octo knikte. “Dat hoort bij de decoratie. Ik ben nu… een octo-strik.”

Mira trok voorzichtig aan het lint. Plop! Octo was weer vrij.

“Dank je,” zei Octo. “Ik wilde al vragen of iemand mijn lijstjes kon overnemen, maar dat is gevaarlijk. Mijn lijstjes bijten.”

Toen gebeurde er iets geks. Vanuit een donkere grot kwam een geluid: HATSJIE! Zo hard dat een wolk zand omhoog schoot.

Een klein draakje zwom naar buiten. Ja, in de Glinsterbaai kon dat: een waterdraakje. Hij had vinnen in plaats van vleugels en hij niesde bubbels.

“Hatsjie-bubbel!” zei het draakje. “Sorry… ik ben Nieuw. Ik ben eigenlijk verdwaald.”

Mira zweefde voor hem. “Hoi Nieuw! Ik ben Mira. Wil je meedoen met de parade?”

Nieuw kneep zijn ogen dicht. “Ik… ik ben geen zeedier. Ik ben… anders.”

Klaas schuifelde dichterbij. “Ik ben een krab met een hoed. Dat is ook anders.”

Flos de kwal flikkerde zacht. “Ik ben een lampje dat soms per ongeluk prikt.”

De rog bromde: “Ik ben chagrijnig van nature.”

Octo zwaaide met een lijstje. “Ik ben georganiseerd in de war.”

Mira glimlachte. “Zie je? Anders is hier normaal.”

Nieuw keek naar zijn eigen staartvin. “Maar ik nies soms vuur. Nou ja… water-vuur. Het is… warm water.”

“Warm water is perfect,” zei Mira. “Kun jij met warm water wolkjes maken? Dan hebben we een stoommachine!”

Nieuw proefde het woord. “Stoom-machine.”

“Ja,” zei Mira. “Voor extra mysterie.”

Nieuw zette een serieuze snoet op en niesde zachtjes. Pssst! Er kwam een wolkje warm waterdamp dat meteen kringelde als een krullenbol. Iedereen “oooh”-de tegelijk.

“Oké,” zei Mira. “Jij loopt vooraan. Eh… zwemt vooraan.”

Nieuw sprong op van blijdschap en botste per ongeluk tegen de slinger aan. De slinger schoot los, zwiepte door het water en landde… precies op het hoofd van de chagrijnige rog.

De rog keek omhoog. Op zijn kop zat nu een hele slinger met zeesterren.

“…” zei de rog.

Mira hield haar adem in.

Toen bromde de rog: “Ik lijk op een feesttaart.”

En heel zachtjes, bijna onhoorbaar, kwam er een lach uit hem. “Hmpf… oké. Ga door.”

Iedereen juichte, zelfs de schelpen zongen spontaan een extra hoog nootje. Het klonk alsof iemand een belletje op een trampoline liet stuiteren.

3. De Optocht die Bijna een Knal werd

De parade ging van start bij het Koraalkasteel. Mira droeg een kroon van glimmende schelpjes. Klaas trommelde op zijn emmer: boem-boem-plons. Octo dirigeerde het schelpenkoor met twee tentakels en hield met de andere zes tentakels de slingers recht, de routekaart vast, en—heel belangrijk—een reserve-lijstje.

Flos de kwal zweefde boven iedereen als een zachte lampion. Mira had een bordje aan hem gehangen: Niet knuffelen zonder vragen. Flos vond dat netjes.

Nieuw de waterdraak zwom trots vooraan en maakte kleine stoomwolkjes. Het zag eruit alsof de parade in een geheimzinnige soepketel zat.

“Parade! Parade!” zongen de schelpen.

“Snackpauze!” riep Klaas, ook al was het pas twee minuten onderweg.

Mira lachte. “We hebben zeewierslingers! Neem een hapje, maar laat ook wat hangen.”

Langs de route stonden allerlei buurtbewoners: een groepje garnalen dat altijd tegelijk praatte, een oude schildpad die heel langzaam klapte, en een zeeanemoon die de hele tijd “wiewiewie!” riep zonder reden.

Toen kwam de mini-rebonding. Bij de Zingende Schelpenstraat stond een smalle doorgang. Aan de ene kant een rots met stekels, aan de andere kant een rots met… nog meer stekels. De doorgang was zó smal dat Mira's kroon bijna bleef hangen.

“Ehm,” zei Mira. “Wie heeft deze rotsen hier neergezet?”

De rotsen zeiden niets. Rotsen zijn niet zo van het praten.

Octo keek op zijn lijstje. “Niet ik.”

Klaas tikte met zijn schaar. “Ik ook niet. Ik zet alleen dingen neer die ik kan optillen. Dus… geen rotsen.”

Flos flikkerde nerveus. “Als ik erdoor ga, raak ik misschien iemand… per ongeluk.”

Nieuw keek naar de smalle doorgang. “Ik kan klein maken.” Hij trok zijn wangen in, alsof hij een slok water inhield. “Zie je? Smal.”

De rog met slinger-hoofd bromde: “Ik ben niet smal.”

Mira voelde even een kriebel in haar buik. Een parade die stopt is net een vis die besluit terug in het ei te gaan. Dat klopt niet.

Ze dacht snel. “Oké! Nieuwe regel: we gaan niet in één rij. We gaan… in groepjes. En wie breed is, zwemt… bovenlangs!”

“Bovenlangs?” vroeg het zeepaardje.

Mira wees naar een open boog boven de rotsen: een soort natuurlijke poort van koraal. “Daar! Voor wie niet door het smalle stuk past.”

De rog keek. “Dat kan ik wel.”

Klaas keek naar zichzelf. “Ik ben klein genoeg, maar mijn hoed is hoog.”

“Dan houd je je hoed even vast,” zei Mira.

Octo knoopte een lint aan de hoed van Klaas, zodat niemand hem kwijt kon raken. “Beveiligde hoed. Check.”

Flos zweefde voorzichtig door het midden, met extra veel ruimte om zich heen. De garnalen maakten een “veiligheids-cirkel” en riepen allemaal tegelijk: “Pas op, pas op, pas op!”

Nieuw zwom door de smalle doorgang en niesde per ongeluk een iets te groot stoomwolkje. PSSSST!

“Ho ho!” riep Mira. “Niet te veel mist, anders raken we elkaar kwijt!”

Nieuw werd rood… voor zover een waterdraak rood kan worden onder water. “Sorry.”

“Geeft niet,” zei Mira. “Mist is ook gezellig. Maar we houden elkaar vast—eh—bij elkaar.”

Mira pakte met haar hand de slinger vast. Klaas pakte ook een stukje. Octo pakte het met drie tentakels. Zo vormden ze een lange, vrolijke ketting. Iedereen deed mee: langzaam, snel, schuin, recht, lichtgevend, chagrijnig, verlegen, luidruchtig.

En zo kwamen ze allemaal door de moeilijke doorgang. Niemand bleef achter.

Aan de andere kant zongen de schelpen een triomfantelijk lied dat klonk alsof de zee zelf een glimlach kreeg.

4. De Regenboogbron en De Uitgestoken Hand

Bij de Regenboogbron was het water altijd een beetje gekleurd. Niet omdat iemand verf had gemorst, maar omdat de bron licht maakte dat in alle kleuren door het water danste. Het was de perfecte plek voor het einde van de parade.

Mira draaide rond. Haar kroon glinsterde. “We hebben het gehaald!”

Iedereen kwam bijeen. De slingers hingen als lange glimlachen tussen de rotsen. Flos zweefde boven hen als een zachte maan. Klaas trommelde een laatste boem-boem-plons. Zelfs de rog deed een klein dansje met zijn vin. Heel klein, maar toch.

Nieuw keek om zich heen. Zijn ogen waren groot en een beetje nat—wat onder water extra nat is.

“Ik dacht dat ik niet zou passen,” zei hij zacht. “Ik ben een draak. Jullie zijn… zee.”

Mira zwom dichterbij. “In onze parade passen we niet in één vorm. We passen in elkaar.”

Nieuw snikte een bubbeltje. “Maar… waar moet ik nu heen? Ik ben verdwaald. Ik weet de weg naar huis niet.”

Het werd even stil. Zelfs de schelpen hielden hun adem in, en schelpen hebben niet eens longen.

Mira dacht aan de smalle doorgang. Aan de ketting van slingers. Aan hoe iedereen had geholpen. Toen stak ze haar hand uit naar Nieuw.

“Kom,” zei ze. “Je hoeft het niet alleen uit te zoeken. We zoeken samen. Jij hoort er nu al bij.”

Nieuw keek naar haar hand, alsof het een magisch voorwerp was. Toen legde hij zijn klauw heel voorzichtig in haar hand. Zijn klauw was warm, maar niet te warm. Gewoon… gezellig warm.

Octo rolde meteen een nieuw lijstje uit. “Nieuwe missie: ‘Help Nieuw de weg vinden'. Ik zet erbij: iedereen mag meedoen.”

Klaas sloeg op zijn emmer. “En snackpauzes!”

Flos flikkerde blij en maakte een zacht lichtpad. “Ik kan schijnen. Dan zien we waar we heen gaan.”

De rog bromde, maar nu klonk het bijna vriendelijk. “Ik zwem wel voorop. Ik ben breed. Dan zien ze ons.”

Het zeepaardje piepte: “Ik kan heel goed ‘hallo' zeggen tegen onbekenden!”

Mira lachte. “Perfect. Dan is het besloten.”

De schelpen begonnen weer te zingen, maar nu zachter, als een slaapliedje. De Regenboogbron strooide kleur over ieders gezicht, vin, tentakel en schaar. Het maakte niemand hetzelfde. Het maakte iedereen extra zichzelf.

Mira kneep even in Nieuws klauw. “Je bent niet verdwaald,” zei ze. “Je hebt ons gevonden.”

Nieuw glimlachte. “En ik heb een parade gevonden.”

“Precies,” zei Mira. “En morgen—”

Klaas onderbrak haar meteen: “Morgen ook een parade?”

Mira knipoogde. “Misschien. Maar eerst… samen naar huis. Voor iedereen.”

En zo zwom de hele groep weg, als een vrolijke sliert door de Glinsterbaai: een parade die niet stopte bij het eindpunt, maar doorging als een uitgestoken hand.

Zonder advertenties 3€ per maand

Wilt u ononderbroken lezen? Steun Oh My Tales, verwijder alle advertenties en geniet van andere inbegrepen voordelen vanaf 3€ per maand.

Bekijk de plannen en tarieven
Delen

rapporteer een probleem met dit verhaal

Wat vond je van dit verhaal?

Geef uw mening door een beoordeling te geven aan dit verhaal op basis van wat u en/of uw kind ervan vonden. Bij voorbaat dank!

Dank je wel! Uw beoordeling is in behandeling genomen!

De quiz: heb je het verhaal goed begrepen?

Scheepswrak
Een oud kapot schip dat op de bodem ligt en vaak vol met spullen is.
Buurtcentrum
Een plek waar dieren uit de buurt samenkomen om dingen te doen.
Slingers
Lange versieringen van stof of lint die je ophangt bij een feestje.
Discobal
Een ronde bol die licht reflecteert en danslichtjes geeft.
Tentakels
Lange, buigzame armen van een octopus of inktvis.
Stoommachine
Een apparaat dat warme lucht of damp maakt om iets te laten bewegen.
Zeewierslierten
Lange stroken zeewier die eruitzien als slingers en soms eetbaar zijn.
Chagrijnig
Als iemand kortaf of niet vrolijk is en makkelijk mopperig doet.
Triomfantelijk
Zo blij en trots dat je laat merken dat je iets goed hebt gedaan.
Reserve-lijstje
Een extra briefje met notities dat je achter de hand houdt.
Uitgestoken hand
Een hand die naar iemand toe gaat om hulp of vriendschap te geven.

Creëer een magisch en uniek verhaal voor uw kind!

Creëer in slechts een paar minuten een gepersonaliseerd avontuur waarin uw kind de held wordt. Met onze exclusieve tool is het gemakkelijk, gratis en leuk!

Een verhaal creëren

Onderwerpen gerelateerd aan dit verhaal:

vriendschap muziek draak inclusie teamwerk parade zeemeermin

Download dit verhaal:

Download dit verhaal als PDF Download het e-book (.epub)

Te lezen daarna in Grappige wezensverhalen voor 5/6 jaar

Ontvang elke zondagavond nieuwe verhalen!

Ontvang 7 spannende en boeiende verhalen, afgestemd op de leeftijd en smaken van uw kind, elke zondag om 17:00*. Het is gratis en gegarandeerd zonder spam!
*E-mail verzonden om 17:00 uur Midden-Europese Tijd (CET).
We houden ook niet van spam. Daarom sturen we alleen verhalen. U kunt zich op elk gewenst moment afmelden.