De gouden kaartjes
Mila was vijf en droeg haar schoenen expres verkeerd om. “Dan kan ik sneller achteruit rennen,” zei ze. Vandaag rende ze niet achteruit, maar vooruit, recht naar het circus dat in de wei stond. Het rook naar gras, zaagsel en… popcorn.
Voor de ingang stond een man met een grote glimlach en een nog grotere popcornmuts. Op zijn kar stond: POP! POP! POP!
“Hallo!” riep Mila. “Bent u de popcornbaas?”
“Ik ben Pim Popcorn,” zei de man. Hij boog alsof hij een koning was. “En jij bent…?”
“Mila. En ik ga iets heel bijzonders doen,” fluisterde ze geheimzinnig.
Mila trok een klein schriftje uit haar rugzak. Er zaten stickers op van sterren en lachende bananen. Ze had thuis kaartjes gemaakt. Niet gewone kaartjes, maar gouden. Nou ja… met goudkleurig papier en een beetje glitters. En een drupje lijm dat nog niet helemaal droog was.
Ze hield er één omhoog. Het glinsterde alsof het zelf ook moest lachen.
“Gouden tickets!” kondigde Mila aan. “Voor een supergeheim circusgedeelte.”
Pim Popcorn kneep zijn ogen samen. “Supergeheim? Ik hou van supergeheim. Zelfs mijn popcorn weet soms niet waar hij naartoe springt.”
“Deze kaartjes geven toegang tot… eh… de ‘Achter-de-Gordijn-Glimlachplek',” zei Mila snel. Ze vond die naam net ter plekke uit en was er zelf ook een beetje trots op.
Pim grijnsde. “Dan moet je wel een stempel hebben.”
Mila keek naar haar handen. “Oeps. Ik heb alleen een potlood. En een sticker van een pinguïn.”
“Dat is ook een stempel,” zei Pim vrolijk. “Pinguïns zijn heel officieel.”
Mila plakte bij elk kaartje een pinguïnsticker. “Zo. Nu zijn ze echt.”
Een clown die langs liep, zag de glitters. “Hé, wat is dat?”
“Gouden tickets!” zei Mila. “Wil jij er één?”
De clown knikte zo hard dat zijn grote neus even scheef ging. “Ja! Ik heet Knetter-Karel. Ik kan zelfs huilen met mijn elleboog.”
“Niet nodig,” lachte Mila. “Je krijgt een kaartje, maar je moet beloven optimistisch te blijven.”
“Optimistisch? Dat is mijn tweede naam!” riep Karel. “Mijn eerste naam is Knetter.”
Mila deelde nog meer tickets uit. Een koorddanseres kreeg er één, een jongleur ook. Zelfs een pony kreeg er één aan zijn halster. De pony knabbelde er voorzichtig aan.
“Niet opeten!” piepte Mila. “Dat is glitterpapier!”
De pony snoof en deed alsof hij het heus wel wist.
Net toen Mila dacht dat alles perfect ging, klonk er een streng stemmetje achter haar.
“Eh… wat gebeurt hier precies?”
Het was mevrouw Bazuin, de circusdirecteur. Ze had een hoge hoed en een bril die leek alsof hij altijd “hmm” zei.
Mila's buik maakte een klein duikje. “Ik… ik maak het circus extra feestelijk,” zei ze zacht.
Mevrouw Bazuin pakte een kaartje op en hield het tegen het licht. “Gouden tickets… met pinguïnstempel.”
Pim Popcorn fluisterde: “Dat is een heel officiële pinguïn.”
Mevrouw Bazuin bleef ernstig… maar haar mondhoek trilde. Alsof een lachje wilde ontsnappen.
“Goed,” zei ze. “Als jij tickets maakt, moet je ook leren hoe je ze mooi aankondigt. Met een echte circusstem. Kom mee. Er is straks een workshop ‘stem en adem' achter de coulissen.”
Mila knikte. “Ik kan heel hard roepen!”
“Dat is precies wat we gaan oefenen,” zei mevrouw Bazuin. “Maar dan zonder dat de tent instort.”
Workshop stem en adem
Achter de coulissen was het nog drukker dan op de piste. Touwen hingen als slingerende slangen aan het plafond. Er stond een kist waar “NIET OPENEN” op stond. Mila opende hem natuurlijk niet… ze keek alleen even heel dichtbij.
In een hoek zat een oude leeuw op een krukje. Hij droeg een strikje en las een krant.
“Is dat een echte leeuw?” fluisterde Mila.
“Ja,” fluisterde Pim Popcorn terug. “Maar hij doet tegenwoordig vooral administratie.”
De workshop begon. Mevrouw Bazuin klapte in haar handen. “Iedereen in een cirkel! Schouders los, wangen los, gedachten vrolijk.”
Knetter-Karel de clown maakte zijn wangen los door ze te laten wiebelen alsof er pudding in zat.
“Te los,” zei mevrouw Bazuin, maar ze glimlachte toch.
“Adem in alsof je aan een bloem ruikt,” legde ze uit.
Mila deed haar ogen dicht en snoof. Ze rook zaagsel, popcorn en een heel klein beetje pony.
“En adem uit alsof je een kaars uitblaast,” zei mevrouw Bazuin.
Mila blies. Haar haar wapperde. De pony, die stiekem was meegelopen, deed ook mee. Hij snoof zo hard dat er twee clowns achteruit rolden.
“Pfoe!” riep Knetter-Karel. “Die pony heeft longen als een trompet!”
“Rustig,” zei mevrouw Bazuin. “Optimisme, mensen. In het circus gaat niet alles recht. Soms gaat het rondjes.”
“Of achteruit,” zei Mila trots, denkend aan haar schoenen.
Toen kwam het spannendste: de circusstem.
“Zeg: ‘Dames en heren, welkom!'” zei mevrouw Bazuin.
Mila zette haar handen als een megafoon. “DAAAMES EN HEEEEREN, WELKOM!”
Een stapel hoeden viel om. De leeuw liet zijn krant zakken en keek beledigd.
Mevrouw Bazuin hield haar oren vast. “Prachtig enthousiast. Nu nog een beetje zachter, maar met dezelfde glimlach.”
Mila probeerde het opnieuw. “Dames en heren, welkom,” zei ze, warm en helder.
Pim Popcorn klapte. “Dat klonk als warme popcorn zonder dat je je tong verbrandt!”
Mila giechelde. “Dank je.”
Mevrouw Bazuin knikte tevreden. “Nu kun jij jouw gouden tickets echt aankondigen. Maar… waar is eigenlijk die ‘Achter-de-Gordijn-Glimlachplek'?”
Mila keek naar haar kaartjes. Daar stond het op, heel groot.
“Ehm,” zei Mila eerlijk. “Die plek bestaat nog niet.”
De circusmensen hielden hun adem in. De pony keek schuldig, alsof hij het had opgegeten.
Toen zei Mila snel: “Maar we kunnen hem maken!”
Knetter-Karel sprong op. “Ja! We maken een plek waar je kunt glimlachen als je zenuwachtig bent!”
Pim Popcorn stak een hand op. “Ik kan popcorn brengen. Voor extra optimisme.”
De koorddanseres riep: “Ik hang slingers!”
De jongleur zei: “Ik jongleer met… eh… kussens. Dan doet het geen pijn als ik ze laat vallen.”
“Optimisme!” riep Mila. “We doen het gewoon!”
De geheime glimlachplek
Ze vonden een klein hoekje achter een groot rood gordijn. Daar stonden oude kisten, een spiegel met lampjes en een bankje dat piepte als je ging zitten.
“Dit is perfect,” zei Mila. “Alleen… het is nog niet goud genoeg.”
Pim Popcorn kwam aanzetten met een emmer. “Popcorn is geel,” zei hij. “Bijna goud.”
Hij strooide een paar popcorns in een schaal. “Niet op de vloer, anders gaat iemand glijden en denkt hij dat hij een pinguïn is.”
Mila lachte. “Mijn pinguïns zijn officieel, hoor.”
Knetter-Karel hing een bord op: “GLIMLACH HIER. HET IS GRATIS.”
De koorddanseres knoopte linten aan de kisten. De pony kreeg de belangrijke taak om heel rustig te knikken. Hij knikte meteen te hard en het bankje piepte “PIEP!” alsof het ook wilde meedoen.
Mila zette haar gouden tickets op een rij. “Oké,” zei ze. “We doen een test. Ik roep, jullie komen binnen, jullie glimlachen.”
Mevrouw Bazuin stond erbij met haar armen over elkaar, maar haar ogen waren zacht.
Mila ademde in zoals bij de bloem. Ze ademde uit zoals bij de kaars. En toen riep ze met haar nieuwe circusstem:
“Dames en heren! Houd uw glimlach vast! De Achter-de-Gordijn-Glimlachplek is nu open!”
Eén voor één kwamen de artiesten. De jongleur liet expres een kussen vallen en zei: “Oeps… maar ik blijf vrolijk!” Iedereen lachte.
De koorddanseres deed alsof ze over een denkbeeldig touw liep en fluisterde: “Als ik bibber, bibber ik met stijl.”
Pim Popcorn gaf Mila een klein zakje. “Voor als je later zenuwachtig wordt,” zei hij. “Popcorn helpt. Of je denkt gewoon aan mijn glimlach. Die is ook gratis.”
Mevrouw Bazuin stapte als laatste naar binnen. Ze keek naar het bord, naar de slingers, naar de pinguïnstickers.
“Dit,” zei ze langzaam, “is… verrassend mooi.”
Mila hield haar adem even in.
Mevrouw Bazuin ging op het piepbankje zitten. “PIEP,” zei het bankje.
Mevrouw Bazuin begon te lachen. Echt te lachen, met schouders en al. “Ik kan niet geloven dat ik door een bankje word toegejuicht.”
Mila voelde haar hart warm worden. “Mag mijn glimlachplek blijven?”
“Zeker,” zei mevrouw Bazuin. “En jouw gouden tickets ook. Maar,” voegde ze er streng aan toe, “alleen als jij de officiële ticketmeester bent.”
Mila zette haar handen in haar zij. “Dat ben ik al. Met pinguïnstempel.”
De bel voor de voorstelling ging. Iedereen moest naar de piste.
Mevrouw Bazuin stak haar hand uit. “Ticketmeester Mila, klaar voor de show?”
Mila pakte haar hand. “Klaar!”
Op de piste was het licht fel en vrolijk. De muziek sprong rond. Mila mocht even naar voren om de gouden tickets te laten zien.
Ze ademde in, ademde uit en riep: “Welkom in ons circus! Als iets misgaat… glimlach je gewoon en probeer je het nog een keer!”
Knetter-Karel struikelde precies op dat moment over zijn eigen broek. Hij maakte een buiging vanaf de vloer. “Zie je wel!” riep hij. “Optimisme is mijn derde naam!”
Het publiek gierde van het lachen.
De show ging door met sprongen, ballen, linten en een pony die per ongeluk een hoed droeg en daar heel trots op was. Tussendoor keken de artiesten even naar Mila en staken hun duim op, alsof ze zeiden: het komt goed.
Na afloop riep mevrouw Bazuin iedereen bij elkaar, ook Pim Popcorn met zijn kar.
“Voor de beste uitvinding van vandaag,” zei ze, “de gouden tickets en de glimlachplek…”
Mila bloosde. “Ik deed het niet alleen.”
“Dat klopt,” zei mevrouw Bazuin. “We deden het samen. En samen geven we een high-five.”
Eén hand ging omhoog, toen nog één, toen honderd. Mila sprong, Pim Popcorn leunde, de clown draaide, de koorddanseres tikte elegant, de pony probeerde het met zijn hoef en het lukte bijna.
PAF! PAF! PAF!
Een high-five-golf rolde door het circus, zo vrolijk dat zelfs het piepbankje in de coulissen vast tevreden piepte.
Mila keek rond en dacht: morgen maak ik zilveren tickets. Of regenboog. Want in een circus kan alles, als je maar blijft glimlachen.